Stijgende ‘werkelijke’ kosten van energie zorgen ervoor dat de wereldeconomie bezwijkt onder een groeiende schuldenlast.

Naar mijn idee weer een goed artikel uit de hand van Tim Morgan.
Al eerder is op deze blog stilgestaan bij een rapport van Tim (en medewerkers).

The global economy sinks under its debts as the real cost of energy rises

Enkele quotes uit het artikel:

1)

On the one hand, we have the “real” economy of energy, resources, labour, goods and services. On the other, there is the “financial” economy of money and debt. Money, of course, has no intrinsic worth, so any value that money possesses derives from its role as a claim on the output of the real economy. Together, money and debt constitute a quantity of “claims” on the real economy of today and tomorrow. That’s fine if – and only if – we do not create claims that exceed the value capabilities of the real economy.

Ik ben geen econoom, heb er waarschijnlijk ook weinig verstand van, maar dat weerhoudt me niet om er iets over te roepen.
Er wordt in deze quote een onderscheid gemaakt tussen enerzijds de ‘Financiële’ economie van geld en schulden en anderzijds de werkelijke economie van goederen en diensten (en arbeid). Dat alle schulden (en geld) een claim veronderstellen op de werkelijke economie van vandaag en morgen.
Zelf zat ik hierbij te denken aan de enorme investeringen die nu plaats vinden in onder andere de schalie-gas productie, tight- olie productie en diepzee olieproductie. Er wordt in laatstgenoemden flink wat geld gepompt met de verwachting dat de investeringen zich in voldoende mate zullen terugverdienen. Er zijn vaak flinke schulden aangegaan om het benodigde geld bij elkaar te krijgen.
Met al dat investeringsgeld (vaak in de vorm van grote leningen) worden er bijvoorbeeld middelen aangeschaft en mankracht ingehuurd om onder andere de nodige infrastructuur aan te leggen en productiemiddelen aan te schaffen om al dat gas en olie ‘uit de grond te halen’.
Als men er vanuit gaat dat deze investeringen een bepaalde hoeveelheid aan olie en aardgas opleveren (afgezet tegen een bepaalde aardgasprijs en aardolieprijs), maar in de praktijk blijkt dat met het investeringsbedrag een veel kleinere hoeveelheid aan gas en olie uit de grond gehaald kan worden, dan zullen de tegenvallende resultaten een negatief effect op de werkelijke economie als geheel hebben. En zolang er geen economisch rendabele grootschalige alternatieven aanwezig zijn om flink in te investeren, zit de economie als geheel in een lastig vaarwater.

Ten eerste zijn er door de aardolie- en gaswinning middelen aan de economie onttrokken die daardoor niet voor overige economische activiteiten ingezet kunnen worden.
Ten tweede wordt er door de tegenvallende (duurder dan verwachte) productie minder bruikbare energie op de wereldmarkt gebracht, welke op directe of indirecte wijze de prijzen van allerlei producten en activiteiten opdrijft waardoor ook de koopkracht van burgers aangetast wordt.
Ten derde, in het geval de gemaakte schulden niet voldoende afgelost kunnen worden, er meer en meer verstoring plaatsvind op betalingsbalansen van banken en bedrijven.

Als lopende leningen (schulden) na een bepaalde tijdperiode niet terugverdiend (afgelost) worden en er worden continu nieuwe leningen aangegaan die na een bepaalde tijdperiode ook niet de verwachtte werkelijke economische opbrengst opleveren, dan zal het totale ‘werkelijke’ economische volume meer en meer gaan tegenvallen.
De gemaakte claims vanuit de virtuele economie staan steeds minder in verhouding tot het totale volume van de werkelijke economie. Er is een scheefgroei ontstaan tussen enerzijds de in de virtuele economie verwachtte werkelijke economische output en anderzijds de gerealiseerde werkelijke economische output. Linksom of rechtsom zullen steeds meer mensen de gevolgen merken van de tegenvallende (of zelfs verminderde) werkelijke economische opbrengst. Dat er met de tot hun ter beschikking staande tokens minder goederen en diensten geclaimd kunnen worden dan eerder gedacht werd. Als op structurele basis er meer en meer middelen onttrokken ‘dienen te worden’ om de energieproductie op peil te houden, zullen er ook steeds minder middelen ingezet kunnen worden voor overige maatschappelijke (economische) activiteiten. Als de gedane investeringen in de grondstoffen- en energiewinning sector niet meer of in onvoldoende mate terugverdient worden met als gevolg dat ook de rest van de economie er onder lijdt, dan zit de wereldeconomie m.i. in een zeer lastig pakket. Vooral de transport sector is nog vrijwel geheel afhankelijk van olie. Zonder voldoende transport zal ook de economie als geheel flink gaan lijden.

Het financieel-economisch geheel is m.i. een erg dynamisch gebeuren, een keten van afhankelijkheden. Een complexe interactie tussen de virtuele (financiele) economie en de werkelijke economie (van goederen en diensten). Afhankelijk van het financieel-economisch beleid, zal de tegenvallende ‘werkelijke’ economische output zich kunnen uiten in bijvoorbeeld toenemende werkloosheid en minder koopkracht voor werkenden (prijzen van producten en diensten stijgen flink, bevriezing van lonen).

2)

Ultimately, the real economy is an energy equation. The economy began when the discovery of agriculture freed up a small proportion of the population for non-subsistence tasks. It took a huge step forward when the invention of the heat-engine enabled us to use fossil fuels to apply vast leverage to the very limited capabilities of human labour. Energy is vital, not just for warmth, cooking and transport, but for every other economic essential as well. Modern agriculture is hugely energy-dependent. Without abundant energy, we could not possibly extract one tonne of copper from 500 tonnes of rock. Hydrocarbons provide plastics as well as a gamut of chemical products. And so on.

Zonder bruikbare energie (in onze huidige economie is met name olie van cruciaal belang, energie in de gewenste vorm) komt de economie vrijwel geheel tot stilstand.

3)

But accessing energy comes at a price, and that price is the energy that is consumed in the access process. Picture, for instance, a gas well, an oil platform, a pipeline or a refinery, and you will appreciate the scale of the materials (such as steel) and the work (both mechanical and human) that the energy-delivering infrastructure embodies. What really matters to the economy is net energy – the relationship between the energy that we access and the energy consumed in the process.

Het begrip netto energie komt ter sprake. Als er steeds meer bruikbare energie benodigd is om een bepaalde hoeveelheid aan bruikbare energie te winnen, blijft er steeds minder bruikbare energie over voor maatschappelijke activiteiten. Hoe meer men de totale energieproductie wil opkrikken des te meer bruikbare energie benodigd zal zijn om deze bruto productie toename te realiseren. Er is een kritieke grens dat het niet meer loont om de totale bruto productie nog verder op te krikken, omdat het teveel kost in termen van energie en overige middelen. De toename in de bruto energie productie zorgt dan niet meer voor een toename in de netto energieproductie.

Het laaghangend fruit is al in gebruik en reeds voor een groot deel opgesoupeerd.

4)

In earlier times, this relationship was hugely positive. Using rudimentary wellhead equipment to access billions of barrels of energy in the sands of Arabia delivered at least 100 units of energy for each unit invested in the infrastructure. Today, those abundant, low-cost energy supplies are being replaced by resources which are ever more energy-costly to produce

In het verleden kon met een geringe input aan bruikbare energie een grote output aan bruikbare energie gerealiseerd worden. Er waren nog grote reserves aan makkelijk winbare energie in de juiste vorm. Energie was goedkoop en ruimschoots voorradig.

5)

In blithe ignorance of this increasing levy, we have continued to grow the claims value of the financial system on the assumption of perpetual growth. These “excess claims” show up as unsustainable debt, undeliverable welfare commitments, and unrealisable expectations for returns on investment. My calculations suggest that the system now owes $90 trillion (£55 trillion) more than it can deliver.

Het geforceerd trachtten om de werkelijke economie continu te laten groeien (wat vanwege het einde van het goedkope energietijdperk m.i. nu al vrijwel onmogelijk is geworden), leidt er toe dat er steeds grote investeringen gedaan worden met de verwachting (hoop) dat deze investeringen meer werkelijke economische output leveren dan in werkelijkheid gebeurd. Zolang niet geaccepteerd wordt dat al die investeringen zich in onvoldoende mate zullen terugverdienen, zal er m.i. ook minder nagedacht worden over andersoortige oplossingen. Het sleutelwoord is nog steeds…groei…groei…groei…ten koste van alles en nog wat.

6)

For individuals, this is being manifested in the escalating real costs of fuel, power, food, water and physical infrastructure. Globally, it is visible in “energy sprawl”, as the energy-delivering infrastructure expands (both in scale and in cost) in response to the weakening in efficiency resulting from a deteriorating EROEI. As well as crimping disposable incomes and destroying returns on investment, this process is curbing our ability to invest in other things.

Duurdere energie zorgt in de loop der tijd er voor dat vrijwel alle producten en diensten duurder worden. Een steeds groter aandeel van het BNP wordt terug gepompt in de energie en grondstoffen winning. Ook al stijgt het Bruto Nationaal Product nog tijdelijk, het Bruto Nationaal Product dat ten goede komt aan economisch-maatschappelijke activiteiten die niet van doen hebben met energie en grondstoffen winning, wordt al kleiner en kleiner.

7)

The essential point is that the economy is not a monetary system governed by the theoretical “laws” of economics, but an energy dynamic determined by the all-too-real laws of thermodynamics. Once we understand this, the squeeze on household prosperity becomes far less of a mystery.

‘Geld alleen’ is niet in staat om de werkelijke economie vorm te geven. Flinke hoeveelheden aan (betaalbare) energie en grondstoffen zijn onontbeerlijk om de werkelijk economie noemenswaardig volume te geven. Het is niet tegen te houden dat de beschikbare hoeveelheden aan geconcentreerde bruikbare energie steeds minder en minder wordt. Op bepaald moment is de bruikbare energie nauwelijks meer rendabel te oogsten, omdat de concentraties waarin ze voorkomen te laag geworden zijn.

Advertenties

Over paradoxnl

Man, 53 jaar, Nederland.
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

4 reacties op Stijgende ‘werkelijke’ kosten van energie zorgen ervoor dat de wereldeconomie bezwijkt onder een groeiende schuldenlast.

  1. Hans Verbeek zegt:

    Tim Morgan gebruikt andere woorden en begrippen, maar vertelt eigenlijk hetzelfde verhaal als Gail Tverberg (ourfiniteworld.com).

    @ 1) de Nederlandse staatsschuld is tussen 2008 en nu gegroeid van 347 miljard euro naar 442 miljard euro. De Nederlandse regeringen hebben de schuld in 5 jaar tijd met 95 miljard laten oplopen. Maar is de onderliggende waarde, de BV Nederland, ook zoveel in waarde gestegen?
    Er zijn wel wegen bijgekomen, netwerken aangelegd en windmolens gebouwd, maar er is ook aardgas verbruikt en voor altijd verdwenen. De werknemers van de BV Nederland zijn steeds hoger opgeleid, maar betekent dat ook dat ze meer waard zijn?
    Of zou het zijn dat de waarde van Nederland en de onze schulden gelijk zijn gebleven en dat de euro, de meeteenheid, waarmee we dingen meten, steeds minder waard wordt?

    • paradoxnl zegt:

      Hoi Hans,

      Ik ben een grote fan van Gail Tverberg en lees regelmatig haar blog.
      Verder allemaal relevante vragen die je stelt…stof tot nadenken.

      Terzijde: Het valt me op dat mensen die erg geinteresseerd zijn in het wel en wee van ons leefmilieu meestal geen interesse hebben in het schaarser en duurder worden van belangrijke fossiele brandstoffen en mineralen. Dat technologie op alles een antwoord zal geven. Dat alternatieve energie in korte tijd op grote schaal geimplementeerd kan worden en dat er van schaarste totaal geen sprake is. Dat het niet ‘snel duurzamer worden’ van onze samenleving in hoge mate een kwestie van politiek en eigenbelang van allerlei machtige organisaties en bedrijven betreft. Dat we op de huidige voet in een groen jasje voort kunnen leven, mits de politiek het maar stimuleert. Ook het begrip netto energie wordt al snel als een non issue weggewoven. Op zich heb ik wel sympathie met mensen die streven naar een leefbaarder, duurzamere ‘groene’ samenleving, maar ik vrees dat hun opvatting te rooskleurig van aard zijn, omdat ze het belang van betaalbare energie en grondstoffen niet erg serieus nemen en daarbij ervan uit gaan dat alternatieve energie voorziening heel snel gerealiseerd kan worden, dat er wat laatstgenoemde betreft geen bottlenecks zijn.
      De energieproblematiek wordt naar mijn idee nog door heel veel mensen als een onbelangrijk gegeven gezien.

  2. Hans zegt:

    Hoi Paradox,

    Op jouw reactie hierboven heb ik totaal niets meer toe te voegen. Ook ik raak steeds meer verwonderd, over het feit dat men: ” ik stond er bij en ik keek ernaar” doet, maar buitengewoon weinig onderneemt.
    Voor me ligt een recente Kijk(van een noodlijdend Sanoma). In een kolom aan de zijkant staat het volgende:

    398,6 Miljard. Aantal kilowattuur aan energie dat de VS in 2012 opwekte met behulp van windkracht, een toename van 16 procent ten opzichte van 2011.
    meteen daaronder:
    10.170 Miljard. Aantal kilowattuur aan energie dat de VS in 2012 opwekte met behulp van aardolie: een afname van 1,7 procent ten opzichte van 2011.
    Hoe duidelijk wilt men het hebben, vraag ik me dan af. Natuurlijk kan men die gegevens gewoon van EIA afhalen maar wat ik wil zeggen is, als dit toch in een jeugd/volwassen tijdschrift staat….

    In hetzelfde blad staat dan iets verderop:
    Binnen vijf jaar gaan de eerste autonome auto’s de weg op en over twintig jaar komen ze helemaal vanzelf voorrijden…tsja, lekker belangrijk denk ik dan.

    Ons systeem zit natuurlijk in een verschrikkelijke spagaat. Men kan de waarheid niet vertellen wat er werkelijk gaande is(daarom laat men de mensen geloven dat er allemaal wel een oplossing voor is), maar om tot echte oplossingen te komen(zo veel mogelijk mensen aan het denken zetten), om de pijn zo veel mogelijk te verzachten, zou dat wel moeten, eigenlijk.
    Het begint er steeds meer op te lijken dat Gail Tverberg gelijk gaat krijgen en dat er nauwelijks een voorbeeld is te vinden van samenlevingen, die dit soort problemen op weten te lossen zonder dat de hele zaak heel rap in elkaar stort. Maw, we gaan door totdat we niet meer kunnen.
    Kerken zullen het weer druk gaan krijgen…

    • paradoxnl zegt:

      Hoi Hans, bedankt voor je reactie en de cijfers.

      Als we zo doorgaan stormen we af op een (energie)klif en met als gevolg een totale economische ontwrichting (zeker de sterk van energie import afhankelijke OECD landen). En de vorm van de energiedrager is super belangrijk. De transportsector is nog steeds zeer sterk afhankelijk van uit olie verkregen vloeibare brandstoffen als benzine en diesel. Er zijn heel wat machines die op diesel lopen…dieselmotoren die de nodige trekkracht leveren.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s