De schijnvrijheid van het neoliberalisme

Onlangs trof ik een aardig artikel aan over de ontstaansgeschiedenis van het, zoals de auteur het noemt, “westers neoliberalisme”. Hij geeft geen definitie van neoliberalisme maar beschrijft het als een samenraapsel van allerlei kenmerken. Klik hier voor het artikel.

The key point to be gleaned here is that neoliberalism is a selective use of free market principles in favor of powerful economic actors. For instance, US policymakers gladly embrace market freedom if it allows corporations to exploit cheap labor abroad and undermine domestic unions. But on the other hand they refuse to heed the WTO’s demands that they abolish their massive agricultural subsidies (which distort the competitive advantage of third world countries), because that would run against the interests of a powerful corporate lobby.The 2008 bank bailouts provide another prime example of this double standard. A true free market would have left the banks to pay for their own mistakes. Neoliberalism, however, often means state intervention for the rich and free markets for the poor.

The key point to take away from this history is that the neoliberal model was made – intentionally – by specific people. And because it was made by people, then it can be undone by people. It is not a force of nature, and it is not inevitable; another world is in fact possible.

Ik ga in dit blogartikel niet in op het hierboven aangehaalde artikel, maar het artikel inspireerde me om in de vorm van een brainstorm mijn gechargeerde opvatting over neoliberalisme, onze samenleving als geheel, weer te geven.

De achtergrondgedachte van onderstaande brainstorm is dat ‘neoliberalisme’ selectief gebruik maakt van vrije markt principes ten faveure van machtige economische actoren, welke in een ‘eindige wereld’ leidt tot het proberen rechtvaardigen van een zeer materialistisch ingestelde samenleving, het recht van de sterkste met uiteindelijk zeer grote verschillen tussen arm en rijk.
Wanneer de focus teveel op materieele welvaart blijft liggen wordt het m.i. een ‘race naar de bodem’. Het streven naar teveel individueel gewin zal bij een afnemend grondstoffen en netto energie aanbod het geheel veel meer kwaad doen dan goed. Gechargeerd gezegd: de rijkdom van de één zal steeds meer de oorzaak van de armoede van een ander betekenen.

Onderstaand de brainstorm…zal misschien nog aangepast worden…er zit nogal wat herhaling in.
Ons sociale stelsel wordt m.i. steeds meer afgebroken en het begrip vrijheid is mijns inziens heden ten dage vervallen tot een soort van ‘vrijheid van handelen in commerciele zin’ of ‘vrijheid binnen het marktgebeuren’, waarbij gechargeerd gesteld ‘tussen de regels door’ steeds meer de “winner takes it all” mentaliteit als de hoogste vorm van vrijheid gezien wordt. Soort van zeer materialistische, egoistische invulling van het begrip vrijheid. Een in mijn ogen zeer gevaarlijke ‘evolutie’ welke zeker op de wat langere termijn ten koste van het grotere geheel zal gaan.

Volgens de auteur van het aangehaalde artikel is door aanhangers van het neoliberalisme bijvoorbeeld doelbewust socialisme geassocieerd met mislukking, dat de mens niet in staat is om zich als sociaal wezen op te stellen. Dat gechargeerd gesteld volgens de neoliberale gedachtegang de mens uiteindelijk alleen maar uit is op macht, eigenbelang, aanzien en materiele bevrediging. Dat laatstgenoemde streven en eigenschappen een gegeven zijn en vanuit de menselijke natuur volledig te rechtvaardigen zijn. Dat met behulp van een specifieke toepassing van zogenaamde vrije markt principes de kwaliteiten van de naar eigenbelang strevende mens in de vorm van onder andere geldelijke beloning gekanaliseerd dienen te worden, omdat mensen dan gestimuleerd worden om [vooral in commerciele zin] het beste uit zichzelf te halen waar andere mensen ook weer wat aan hebben [lees: waar vooral de rijke elite de vruchten van plukt in de vorm van aangeboden diensten of producten].
Degenen die om redenen wat minder ondernemend ingesteld zijn of in commerciele zin wat minder te bieden hebben kosten alleen maar geld. Samengevat: De mens als economisch nummer.

Naar ik aanneem zijn het vooral de grote internationale bedrijven en een competitieve elite, welke van bovengenoemde ‘vrijheden’ de vruchten plukken.
Door het gehanteerde systeem wordt in een eindige niet duurzaam ingestelde wereld een kleine elite steeds machtiger en rijker en het overgrote deel van de mensheid vervalt steeds meer in een soort van slavenbestaan in dienst van een elite om het hoofd boven water te kunnen houden.
Via reclame worden mensen wijsgemaakt dat ze alleen maar gelukkig kunnen zijn als ze beschikken over product x of product y en als men zich maar participerend, ondernemend genoeg opstelt ook recht heeft op vrijwel oneindige materiele rijkdom en samenhangend daarmee ook flinke invloed op het politieke beleid kan uitoefenen.
Cynische opmerking mijnerzijds: Een groter recht en vorm van vrijheid kan je in een eindige wereld toch haast niet bedenken?

Onder het mom om via participatie [waarbij mensen wijs gemaakt wordt dat vooral met behulp van werk iemands persoonlijke groei extra gestimuleerd kan worden] het beste uit jezelf te halen [lees: vooral kwaliteiten die men commercieel weet te benutten]…en daarmee je geld dan mee te verdienen… krijgen mensen met economische macht de beschikking over betere diensten en producten.
De vrije, alles uit zichzelf halende creatieve ondernemersgeest als hoogste vorm van vrijheid. Degenen die er succesvol mee zijn hebben [in mijn gechargeerde opvatting van het neoliberalisme] recht op oneindige rijkdom …. ook al leven we m.i. in een eindige bruikbare grondstoffen en energiewereld. Naar mijn idee is bovengenoemde gedachtegoed een ramp voor het welzijn van de wereld als geheel.

Terzijde: Naar ik aanneem [ik beweer dus niet dat het zo is, maar is op basis wat ik zoal lees mijn vermoeden] is de rijkdom van een noemenswaardig deel van de miljardairs wereldwijd te danken aan criminele (of naar crimineel neigende) uitbuitende activiteiten.

Of iets anders geformuleerd…
Het neoliberalisme als soort van sociaal darwinisme waarin het recht van de sterkste geldt. Wie succesvol is heeft in een erg materialistisch ingestelde samenleving recht op oneindige rijkdom, wie niet succesvol is mag door het afvoerputje weggespoeld worden. De “winner takes it all” mentaliteit wordt steeds meer gangbaar onder het mom van participatie en zelfontwikkeling. Wie in commerciele zin wat te bieden heeft is goed voor de samenleving. Om duidelijk te zijn: Laatstgenoemde is dus niet mijn opvatting.

Dat bovengenoemde mentaliteit flink ten koste van het geheel gaat, merkt men mijns inziens niet alleen aan ten eerste de toenemende kloof in inkomen tussen bijvoorbeeld leidinggevenden aan de top en mensen op de werkvloer, ten tweede een wegkwijnende middenklasse, ten derde de uit de hand gelopen milieuvervuiling, ten vierde de versnelde uitputting van cruciale grond- en brandstoffen, maar ook aan de afbraak van het sociale stelsel en beloning van psychopathisch competitief gedrag.
Dat alles als het ware in termen van geld uitgedrukt wordt. Dat overal een prijskaartje aangehangen wordt. Dat in feite de rijke elite heel de wereld kunnen opkopen. Soort van totaal doorgeslagen vorm van waanzinnig kapitalisme.

Een relatief erg kleine groep mensen beschikt steeds meer over het overgrote deel van de financieel-economische middelen.
De ‘met geld is alles te koop opvatting’ wordt als normaal ervaren. Dat van kinds af aan met behulp van de media en ons onderwijssysteem laatstgenoemde gedachte (alles is te koop) bij de grote massa als vanzelfsprekend en zelfs als rechtvaardig aangereikt en uiteindelijk ook ervaren wordt.

Te weinig grenzen stellen aan hoge beloning funest voor wereld als geheel
Onder het motto dat talent en ondernemingszin in een eindige wereld vooral ook in materiele zin haast oneindig beloond mag worden is m.i. funest voor het streven naar een flink minder materialistische, meer sociale en vooral meer duurzame samenleving.
In mijn ogen is het haast crimineel om in een eindige wereld groot bezit te hebben. Ik heb het hier over vele miljoenen euro’s aan bezittingen. Zoveel bezit kan naar mijn bescheiden mening in een eindige wereld nooit gerechtvaardigd worden, hoe talentvol men ook is.
Naar mijn idee zijn we volledig doorgeslagen in het materieel belonen van met name grote ondernemingen [onder andere bedrijven die met behulp van reclame mensen het gevoel trachten te geven dat men geen gelukkig leven kan leiden zonder gebruik te maken van hun producten].

Met behulp van enorme sommen aan geld wordt door superrijke groepen/mensen steeds meer bezit opgekocht (ook in de vorm van land, grondstoffen of natuurschoon) welke naar mijn bescheiden mening de aarde toebehoort en collectief goed is.

De macht van het geld wordt binnen het neoliberalisme extra vergroot en gerechtvaardigd.
In een oneindige wereld zou het geldelijk uitbuiten van de eigen kwaliteiten uiteindelijk ook de gehele wereldbevolking ten goede kunnen komen, omdat er toch genoeg is voor iedereen. Maar binnen een wereld met grenzen aan de groei lijkt me de hierboven beschreven mentaliteit een ramp voor de mensheid als geheel. De zogenaamd ‘neoliberalisme vrijheid’ leidt tot een steeds grotere wereldwijde gevangenis (althans voor het overgrote deel van de mensheid) en leidt m.i. ook tot extra uitbuiting van natuur en milieu.

We have to reject the neoliberal version of freedom as market deregulation, which is really just license for the rich to accumulate and exploit, and license for the few to gain at the expense of the many. We have to assert that thoughtful regulation can in fact promote freedom, if by freedom we mean freedom from poverty and want, freedom to have the basic human dignity afforded by good education, housing, and healthcare, and freedom to earn a decent living wage from a hard day’s work. Instead of accepting that freedom means unhinging the economy from the constraints of democratic society, we need to assert that true freedom entails harnessing the economy to help us achieve specific social goods that are democratically arrived at and collectively ratified.

Advertenties

Over paradoxnl

Man, 53 jaar, Nederland.
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op De schijnvrijheid van het neoliberalisme

  1. Pingback: George Mobiot (en anderen) over Neoliberalisme | Paradoxnl's Blog

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s