Wereldwijde conventionele olieproductie piek in 2015

Steeds meer onafhankelijke analisten gaan ervan uit dat 2015 wel eens het definitieve ‘piekjaar’ kan gaan zijn wat betreft de wereldwijde conventionele olieproductie (ruwe olie + condensaten).

Luis de Sousa
Een overzichtelijk betoog waarom het jaar 2015 wel eens het definitieve piekjaar voor de wereldwijde conventionele olieproductie kan worden, is te vinden in dit artikel uit de hand van ene Luis de Sousa. Een echte aanrader voor de geïnteresseerden. Ik beperk me tot twee grafieken uit het artikel:

Grafiek 1:
Prognose van Rystad Energy i.v.m. olieproductie en olieconsumptie 2016 tot en met 2018

Engelstalig commentaar bij grafiek 1:

Rystad Energy, a Norwegian petroleum and gas business intelligence consultancy, projects new extraction projects to miss the yearly decline of existing fields for at least the next five years. This consultancy expects an overall extraction decline of 300 kb/d this year, 1.2 Mb/d in 2017 and 2018 and deeper declines in 2019 and 2020.

Grafiek 1 is een prognose van Rystad Energy.
Volgens grafiek 1 zal in de jaren 2016, 2017 en 2018 de wereldwijde conventionele olieproductie (ruwe olie + condensaten) respectievelijk met 0,3 miljoen, 1,2 miljoen en 1,2 miljoen vaten per dag gaan dalen. Dus op drie jaar met maar liefst 2,7 miljoen vaten per dag. De prognose bevat natuurlijk een heleboel aannames, maar heeft m.i. wel een goede indruk wat ons de komende jaren te wachten kan komen te staan wat betreft de wereldwijde olieproductie. Als bovengenoemde prognose min of meer bewaarheid wordt, maak dan je borst alvast maar nat.

Grafiek 2:
Prognose (scenario) van Luis i.v.m. olieproductie, olieconsumptie en bovengrondse voorraad

In grafiek 2 is met een grijze kleur de toename van de wereldwijde bovengrondse olievoorraad weergegeven sinds januari 2014. De bovengrondse voorraad betreft olie opgeslagen in zoutkoepels, bunkers, schepen, noem maar op. Momenteel (juni 2016) bedraagt sinds januari 2014 de toename van de wereldwijde bovengrondse olievoorraad ongeveer 1 miljard vaten.
Volgens grafiek 2 zal, met natuurlijk vele aannames, de wereldwijde bovengrondse voorraad in mei 2018 of juni 2018 weer terug het niveau van januari 2014 bereiken, om vervolgens nog verder af te nemen.
De oranje lijn geeft de prognose voor de wereldwijde olieproductie weer. Volgens de grafiek daalt deze gedurende de periode vanaf januari 2016 tot en met december 2018 met maar liefst 2,7 miljoen vaten per dag.
De groene lijn geeft de prognose voor de wereldwijde olieconsumptie weer.
Volgens grafiek 2 zal vanaf ongeveer oktober 2016 al ‘schommelend’ de wereldwijde olievraag steeds verder boven het wereldwijde olieaanbod stijgen. Vanaf dat moment zal de wereldwijde bovengrondse olievoorraad in versneld tempo kleiner worden om aan de wereldwijde vraag te blijven voldoen.
Op een gegeven moment zal de wereldwijde bovengrondse olievoorraad te klein geworden zijn om het ‘gat’ tussen de wereldwijde olievraag en wereldwijd olieaanbod nog te kunnen aanvullen.

Ron Patterson
Ook Ron Patterson gaat er al enige tijd van uit dat de wereldwijde conventionele oliepiek in het jaar 2015 heeft plaatsgevonden. Bijvoorbeeld in dit artikel:

World C+C production, they say, averaged 80,035,000 in 2015. Average for the first two months of 2016 was 79,933.000 or 102,000 bpd below the average for 2015. So with world production continuing to decline, there is little doubt that 2016 production will be well below 2015 production.

Ron gaat ervan uit dan ook na het jaar 2016 de wereldwijde olieproductie niet meer boven die van het jaar 2015 zal uitkomen.

Matt Mushalik
Ook volgens ene Matt Mushalik is op basis van informatie van het IEA de kans groot dat de wereldwijde olieproductie piek al gepasseerd is of zeer nabij is. Klik hier voor het relevante artikel.
Er zijn op zijn minst flinke investeringen vereist om de wereldwijde olieproductie de komende jaren op peil te houden.

Militair industrieel complex
Ook volgens lieden die actief zijn in het militair-industrieel complex gaat de wereld er al op korte termijn niet aan ontsnappen om noodgedwongen van haar olieverslaving af te geraken. In deze link is een 166 pagina tellend PDF-document te vinden, waarin allerlei hoge militairen en CEO’s hun visie geven over ‘het veilig stellen van de toekomstige wereldwijde energievoorziening’. Men is hoopvol dat met alternatieven de terugval in de wereldwijde olieproductie in voldoende mate gecompenseerd kan worden. Naar mijn bescheiden mening is die hoop meer wens dan realistische hoop.

Goudlokje bandbreedte olieprijs reeds tot nul gereduceerd
Dit betekend dat -of- olieprijzen te duur zijn voor de consument (met als gevolg vraagvernietiging) -of- te goedkoop voor de olieproducenten (met als gevolg onvoldoende investeringen om productie op peil te houden).

Een optimale ‘olieprijs range’ om sterke prijsschommelingen zoveel mogelijk te beperken is, met een flinke slag om de arm, grofweg 60 tot 80 dollar per vat. Bij laatstgenoemde ‘olieprijs range’ zou er heden ten dage enerzijds een beetje olievraagvernietiging plaatsvinden en anderzijds de toekomstige wereldwijde olieproductie net niet op peil gehouden kunnen worden (dus ‘omslachtig geformuleerd’ een beetje aanbod vernietiging plaatsvinden). Een geleidelijke daling van de wereldwijde olieproductie, waarbij sterke prijsschommelingen zoveel mogelijk beperkt worden. Ook binnen dit scenario wordt het m.i. zacht uitgedrukt een race tegen de klok om de alternatieve energievoorziening tijdig op grote schaal op betaalbare wijze te implementeren. Onze huidige levensstijl zal flink op de proef gesteld worden.

Bij olieprijzen onder de 60 dollar per vat zal al snel te veel bezuinigd worden op nieuwe olieprojecten, waardoor de olieprijzen binnen relatief korte termijn vanwege te snel afnemende olieproductie weer snel de lucht in kunnen vliegen. Dus sterke beweging van lage prijs naar hoge prijs met alle onzekerheid vandien voor de met name lange termijn investeringsstrategie van olieproducenten

Bij olieprijzen boven de 80 dollar per vat vind er op korte tijd teveel vraagvernietiging plaats, waardoor er weer al snel (tijdelijk) sprake is van een overaanbod. Gevolg is een op korte tijd sterk dalende olieprijs, waardoor olie industrie in het algemeen weer minder kan investeren. Dus sterke beweging van hoge prijs naar lage prijs met alle onzekerheid vandien voor de met name lange termijn investeringsstrategie van olieproducenten.

Hieronder worden twee artikelen aangehaald waarin ervan uitgegaan wordt dat wat betreft olieprijzen de zogenaamde goudlokje bandbreedte reeds tot nul gereduceerd is:
Het eerste artikel betreft een artikel uit het jaar 2015, welke m.i. zeker de moeite van het lezen waard is!
Een quote uit het artikel:

There is no longer an ‘optimal price’ that falls within such a ledge. Oil is now either too cheap to procure ongoing investments and production or too expensive for oil-dependent economies to function well (perhaps even both too cheap to meet demand and too expensive for growth). When these issues are placed in the context of climate change and the need to transition beyond fossil fuels, it becomes clear that there is no such thing as cheap oil.

In short, industrial civilisation now finds itself between a rock and a hard place; or, to change the metaphor, we now find ourselves in ‘checkmate’, with nowhere to move. Our only option is to start playing a different game – a game ‘beyond oil’ – a choice we should have made many years, if not decades, ago. Unfortunately, building a post-petroleum civilisation (Trainer, 2010; Alexander, 2012) would require a bravery and boldness that we have hitherto lacked. Can we yet muster the courage?

Het tweede artikel is een recent artikel uit de hand van Richard Heinberg. Een echte aanrader!
In onderstaande lange quote geeft Richard m.i. een erg goede uitleg van de huidige piek olie dynamiek:

In the energy world, the growth of unconventional oil and gas supplies appears to have postponed peak oil for a decade (conventional oil production flatlined starting in 2005; all the supply increase since then has come from tight oil, tar sands, heavy oil, and deepwater oil)—but at what cost? Unconventional oil production carries higher environmental risks, including increased greenhouse gas emissions per liter of finished fuel.

And it took massive investment to finance the surge in unconventionals. If it hadn’t been for easy-money central bank policies in the wake of the 2008 global financial crash, it’s likely the fracking boom would have been an unnoticeable blip. A few years of sky-high oil prices were also necessary. But high prices weakened demand for oil, just as drillers flooded the market with the wrong grades of crude in the wrong places at the wrong time. The result: an oil price crash (starting in mid-2014) and financial bloodletting within the industry.

We appear to be in a new era in which oil prices are either high enough to stimulate new supply, in which case they are also high enough to cripple the economy; or they are low enough to stimulate the economy, but also so low as to decimate the industry. There is no longer any tenable middle ground.
Today’s price of $50 per barrel is high in historic terms, but still too low to allow the industry to recover from the past two years of staggering losses. The trouble is, the unconventional production binge required a lot of cash, and most of it was borrowed. According to data compiled by FactSet and Yahoo Finance, the U.S. energy sector is drowning in $370 billion of debt, double the amount a decade ago. Just to make interest payments, energy companies shelled out $16.7 billion in 2015—half of their total operating profit. And despite rebounding oil prices, the situation is getting worse, with over 86 percent of energy sector operating profits going to interest payments in the first quarter of 2016. Unless prices zoom back past $100 a barrel, the tens of billions of dollars in debt coming between 2017 and 2020 will likely trigger a wave of defaults and bankruptcies.

Flinke recente daling Nigeriaanse olieproductie
Door diverse aanslagen op de Nigeriaanse olie infrastructuur is de olieproductie in Nigeria sinds begin van dit jaar al met grofweg 50% afgenomen [namelijk van 2,4 miljoen vaten per dag begin 2016 tot slechts 1,1 miljoen vaten per dag eind mei 2016]. Klik hier voor een relevant artikel.

Piekolie als symbool voor grenzen aan de groei
Of de wereldwijde bruto olieproductie piek nu in het jaar 2015 of 2020 plaatsvind maakt op langere termijn gezien m.i. niet zoveel uit, maar op korte termijn gezien kan een jaar eerder of later flink uitmaken.
Het definitieve piekjaar heeft, naast de negatieve gevolgen voor de wereldwijde economie, voor mij ook symbolische waarde. In verband met de beeldvorming is het m.i. van groot belang dat piekolie geassocieerd wordt met een wereld met grenzen aan de groei.
Vooral belangrijk is het tempo waarin de olieproductie gaat dalen na het bereiken van de piek. Piekolie gaat volgens menig onafhankelijk analist gepaard met een nieuwe dynamiek in het economisch gebeuren, bijvoorbeeld een fase met bovengemiddeld sterk schommelende olieprijzen.

In het geval het definitieve oliepiek jaar inderdaad 2015 gaat zijn [ondanks flinke toekomstige investeringen in de olie sector] dan zal naar mijn bescheiden mening binnen enkele jaren alleen al vanwege de ‘olie factor’ de wereldeconomie flink gaan stagneren en waarschijnlijk al snel in een recessie geraken. Een steeds groter deel van de wereldwijde oliewinning is zowel in termen van geld als energie te duur geworden om de huidige wereldwijde economie in voldoende mate te ondersteunen.

De wereldeconomie is nog steeds sterk afhankelijk van een groot aanbod aan betaalbare olie [en ook steenkool en aardgas, maar olie is m.i. nog steeds de belangrijkste].
We zijn al heel erg aan de late kant [in het geval we onze huidige levenswijze in stand willen houden] om een transitie te realiseren naar een wereldeconomie welke flink minder afhankelijk is van olie.
Op laboratorium niveau en zeker op papier is er veel mogelijk, maar om één en ander flink op te schalen gaat m.i. nog tientallen jaren duren, als het überhaupt mogelijk is.

Advertenties

Over paradoxnl

Man, 53 jaar, Nederland.
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

2 reacties op Wereldwijde conventionele olieproductie piek in 2015

  1. Hans Verbeek zegt:

    Bedankt voor deze blogpost, Paradox. Ik zal sommige artikelen waar je naar verwijst eens aandachtig lezen.

    We zijn al heel erg aan de late kant [in het geval we onze huidige levenswijze in stand willen houden] om een transitie te realiseren naar een wereldeconomie welke flink minder afhankelijk is van olie.
    Dan zit er niets anders op dan onze levenswijze niet in stand te houden maar flink aan te passen. Ik ben daar zelf al mee begonnen en het wordt tijd dat de rest van de Europeanen dat ook gaat doen.

    Eind deze week komt de nieuwe Statistical Review of World Energy uit en dan kunnen alle grafiekjes weer worden bijgewerkt. Het wordt steeds duidelijker dat het fossiele brandstoffentijdperk op zijn hoogtepunt is beland. In het komend decennium zal er veel gaan veranderen. De vraag is inderdaad hoe snel dat zal gaan…

  2. paradoxnl zegt:

    “Eind deze week komt de nieuwe Statistical Review of World Energy uit en dan kunnen alle grafiekjes weer worden bijgewerkt”.
    Hans, ben benieuwd in hoeverre grafiekjes weer bijgewerkt kunnen worden.

    “In het komend decennium zal er veel gaan veranderen”.
    Vermoed ik ook, ben o.a. benieuwd waar wat olieproductie betreft het Midden Oosten nog toe in staat is.

    “De vraag is inderdaad hoe snel dat zal gaan…”
    Ja hoe snel dat zal gaan is de vraag.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s