Wat is de motivatie achter de recente ‘contant geld ban’ in India

In bewerking…een brainstorm…

In November 2016 werd in India van de ene op de andere dag de meest gebruikte bankbiljetten in India, namelijk die van 500 en 1000 roepies, onwettig verklaard. Dus dat laatstgenoemde bankbiljetten niet meer als legaal betaalmiddel gebruikt kunnen worden als betaalmiddel.
Een briefje van 500 roepies is ongeveer 7,5 dollar waard en een briefje van 1000 dus het dubbele, ongeveer 15 dollar.
De bedoeling is dat de oude bankbiljetten van 500 en 1000 roepies vervangen worden door nieuwe bankbiljetten. Nu komt de crux: van alle oude bankbiljetten die in omloop zijn kan slecht een klein deel ingewisseld worden voor nieuwe bankbiljetten, omdat de Indiase regering (naar ik aanneem doelbewust) te weinig nieuwe bankbiljetten heeft geprint om zodoende mensen als het ware te dwingen een bankrekening te openen en hun oude bankbiljetten niet in te wisselen voor nieuwe bankbiljetten maar wel door ‘digitaal’ geld op een bankrekening. Tot het einde van het jaar 2016 kregen de mensen de tijd om hun oude bankbiljetten in te wisselen of om het op een bankrekening te zetten.
Voor honderden miljoenen Indiërs houdt laatstgenoemde maatregel een hoop ellende in. Veel arme Indiërs hebben niet eens een bankrekening en zijn al hun gehele leven gewend om alles in contant geld af te rekenen. Als ik de verhalen mag geloven zijn er op het platteland een heleboel Indiërs die verder dan 75 kilometer van de dichtstbijzijnde bank wonen. Veel van die mensen hebben niet eens een fiets. Dat ze bijvoorbeeld met behulp van een lastdier, een fiets of te voet een lange reis dienen te maken om de dichtst bijgelegen bank te bereiken.
En het valt bovendien niet uit te sluiten dat een heleboel Indiërs er tegen opzien al hun bankbiljetten in te wisselen voor nieuwe legale bankbiljetten, omdat men bang is zich te moeten verantwoorden over hoe ze aan al dat contact geld gekomen zijn.
Bovendien is de maatregel nogal omslachtig, omdat vooral de rijke Indiërs er bijvoorbeeld vastgoed, goud of zilver voor aangeschaft hebben. Het zijn hoogstwaarschijnlijk de armere Indiërs die de grootste nadelen ondervinden van een dergelijke maatregel.
Als men alleen al kijkt naar het olieverbruik, is er m.i. een duidelijk effect waarneembaar van de genomen maatregel, namelijk dat recentelijk het olieverbruik in India voor het eerst in vele jaren een noemenswaardige daling vertoond. Zie daartoe onderstaande grafiek:

Volgens mij is er in de media relatief weinig aandacht voor de door bovengenoemde maatregel veroorzaakte ellende bij vele miljoenen Indiërs. Maar ja, even speculeren, misschien dachten degenen die achter de schermen dit soort maatregelen promoten zoiets van…”het betreffen toch maar arme Indiërs, wie maakt zich daar nu druk om…”. Hun economische waarde is toch al gering. En nog erger, misschien was de ban op oude bankbiljetten wel een test om te zien hoe de bevolking er mee om zou gaan. Een test waarbij miljoenen mensen flink in de ellende gestort worden.

Formeel is de motivatie (voor de contant geld ban) als volgt: Door een ban op contant geld hoopt de Indiase regering het zwarte geld aan te pakken en ook terrorisme makkelijker te bestrijden. Maar is dat het gehele verhaal? Er worden verschillende verhalen verteld. Naar mijn idee zit er in sommige verhalen ‘die bij velen naar samenzweringstheorieën ruiken’ best wel een kern van waarheid.
Meer hierover na een intermezzo.

Een intermezzo
Onderstaand vervolg is min of meer een uitstapje naar wat sommigen bestempelen als samenzweringsland. Als iets als een samenzweringstheorie bestempeld wordt hoeft het nog niet onwaar te zijn. Een deel kan op waarheid berusten een deel weer niet. Er bestaan volgens mij (om het algemeen en vaag te houden) op allerlei niveaus samenzweringen, sommige onschuldig van aard sommige minder onschuldig van aard, maar dat wil nog niet zeggen er bij ‘alles’ sprake is van een doelbewuste samenzwering. Of nog erger, een doelbewuste samenzwering ‘tegen de mensheid’.
Bij ‘sommige’ met name religieus geïnspireerde mensen is bijvoorbeeld ‘de theorie’ dat de wereld geleid wordt door ‘demonische krachten’ populair.
Dat ‘achter de schermen’ demonische krachten (of door demonische krachten beïnvloedde machtige groeperingen) via een verdeel en heers politiek (door onder andere via controle over de geldstromen de wereldpolitiek te beïnvloeden) zoveel mogelijk verdeeldheid en ellende willen creëren, omdat deze demonische krachten zich voeden met ‘negatieve energie’. Des te meer ellende in de wereld des te groter het feest voor de demonische krachten. Maar dit allemaal even terzijde.
In het onderstaande vervolg is er ook wel sprake van ‘soort van’ samenzwering tegen groot deel van de mensheid, maar niet dat het demonische krachten betreffen. 😉

Over Amerika en de petrodollar
Mede dankzij de petrodollar is de Amerikaanse dollar wereldwijd het meest gangbare en dominante betaalmiddel geworden.
Om maar wat te noemen: Olie dient in dollars afgerekend te worden en vele importerende landen dienen flink wat dollars te lenen om aan hun dagelijkse oliebehoefte te voldoen.
Die dollars worden vaak verkregen in ruil voor spotgoedkope producten (in feite goedkope arbeid), grondstoffen en brandstoffen. Amerika hoeft als het ware alleen maar extra dollars bij te printen en uit te lenen in ruil voor allerlei producten, brandstoffen of grondstoffen.
De Amerikaanse centrale bank (de Fed) heeft het alleenrecht om de hoogte van de rente te bepalen en heel belangrijk om als het ware dollars ‘uit het niets’ bij te drukken, bijvoorbeeld met behulp van kwantitatieve verruiming (QE).
Bovendien investeren (beleggen) sommige dollarrijke landen (denk bijvoorbeeld aan Saoedi Arabië) voor een groot deel hun dollars weer terug in de Verenigde Staten. En omdat de dollar wereldwijd als de wereldreserve munt wordt gezien, zullen wereldwijd bijvoorbeeld veel miljonairs en miljardairs hun luxe producten kopen met behulp van dollars, omdat veel luxe producten in dollars aangeboden worden. Dat het lucratief is om producten in dollars aan te bieden.
Doordat vele landen hun producten spotgoedkoop in dollars aanbieden, kunnen Amerikanen en bijvoorbeeld ook Europeanen de beschikking krijgen over een boel spotgoedkope producten. De reclame helpt een handje mee om bij grote groepen mensen extra interesse (behoefte) op te wekken om op grote schaal al die goedkope producten te kopen. Een heleboel grote multinationals profiteren m.i. buitensporig van laatstgenoemd gebeuren. Tot bijvoorbeeld er een flinke oliecrisis uitbreekt maar dat terzijde.

Over digitaliseren, ‘financialisering’ en controle over geldstromen
Sommigen (namen laat ik achterwege) vragen zich af waarom het wereldwijde financieel economische systeem sinds het jaar 2008 nog steeds niet in een nieuwe flinke crisis terecht is gekomen, terwijl menig ‘gezagwekkend’ personage met achtergronden in financiën of economie voor de afgelopen paar jaar een ineenstorting van de wereldeconomie voorspelden, welke dus niet zijn uitgekomen.
Hebben deze personages een totaal verkeerd beeld van hoe de wereldeconomie in elkaar steekt of is er iets anders aan de hand waardoor hun voorspellingen tot nu toe niet zijn uitgekomen? Naar mijn bescheiden mening is er wel degelijk sprake van een machtige groep die toewerken naar een flinke controle over het wereldwijde financieel economische en daarmee samenhangend politieke gebeuren.
Ik wil niet zover gaan dat er kwaadaardige krachten achter de schermen actief zijn om de wereld in een economische houtgreep te houden om de mensheid doelbewust kwaad te doen en zichzelf zoveel mogelijk te verrijken, maar wel dat, om het voorzichtig te formuleren, er een ‘theoretische mogelijkheid’ bestaat dat achter de schermen getracht wordt om via ‘macht en controle over geldstromen wereldwijd’ landen en mensen zoveel mogelijk in het gareel te houden en vooral ook om de status quo zolang mogelijk in stand te houden. Dat met behulp van digitaliseren, ‘financialisering’ en zeer krachtige computers in een zeer vroeg stadium getracht wordt om via een met rookgordijnen gecamoufleerde werkwijze met name grote multinationals met behulp van ‘ondersteunend gedigitaliseerd geld’ van een ineenstorting te behoeden, om zodoende een keten van onvoorspelbare negatieve vervolgeffecten vroegtijdig te voorkomen. Dat met behulp van krachtige computers voorzien van kunstmatige intelligentie getracht wordt om in een heel vroeg stadium in beeld te krijgen waar wereldwijd de belangrijkste knelpunten gaan optreden met potentieel verregaande financiële gevolgen. Dat door een verregaande digitalisering van de geldstromen en tegelijkertijd de controle erover bij een kleine groep mensen te leggen, laatstgenoemde kleine groep steeds meer in staat zal zijn [zeker in het geval contant geld wereldwijd zoveel mogelijk beperkt is en er één munt dominant is, in dit voorbeeld de Amerikaanse dollar] om over de gehele wereld mensen, bedrijven, multinationals of zelfs landen de toegang tot financiële middelen te ontzeggen. Dat mensen, bedrijven of kwetsbare landen daardoor niet in staat zijn hun economie te onderhouden of extra te stimuleren.
Misschien is de crisis welke nu in Venezuela plaatst vind voor een niet onbelangrijk deel te verklaren door doelbewust Venezuela toegang te ontzeggen tot belangrijke middelen. Dat landen of organisaties welke zich niet schikken aan de ‘gangbare’ manier van handel drijven zacht uitgedrukt het leven bijzonder zuur gemaakt kunnen worden, zonder te wijzen op de werkelijke reden waarom de landen het zo zwaar te verduren krijgen. In de media hoort men bijvoorbeeld ineens negatief nieuws over de regering van een bepaald land en dat er allerlei maatregelen tegen dat land ondernomen dienen te worden om dat land in het gareel te krijgen, dat er een andere redenen naar voren gebracht wordt dan de werkelijke achterliggende reden.

Dit stuk is nog in bewerking en er volgt nog meer, ik probeer resterende tekst wat minder gechargeerd te maken en misschien dat ik de reeds getoonde tekst ook nog behoorlijk ga aanpassen…

Lees bijvoorbeeld het artikel maar eens welke te vinden onder volgende link:

http://www.globalresearch.ca/a-well-kept-open-secret-washington-is-behind-indias-brutal-demonetization-project/5566167

of

http://www.vox.com/world/2016/11/29/13763070/india-modi-cash-demonetization-protests

 

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

De Oroville Dam als voorbeeld van belabberde conditie stuwdammen in de VS

In onderstaande video wordt Scott Cahill geïnterviewd door Chris Martenson i.v.m. de plotselinge eis tot evacuatie in verband met kritieke toestand bij Oroville Dam. Net zoals kerncentrales zijn ook stuwdammen onderhevig aan slijtage. Achterstallig onderhoud zou flink bijgedragen hebben aan de belabberde conditie van Oroville Dam.
Op papier zouden de stuwdammen ook in extreme omstandigheden volledig veilig moeten zijn. Net als bij kerncentrales blijkt onder extreme omstandigheden die veiligheid zacht uitgedrukt niet gegarandeerd te zijn.
Vanaf minuut 36 informatie over de belabberde conditie van heel veel stuwdammen (en bijvoorbeeld ook spoorwegen en bruggen) in de VS.
Volgens Scott Cahill is er 2000 miljard dollar nodig om de verouderde en belabberde conditie van de infrastructuur in de VS weer up to date te maken.

Begeleidende tekst bij de video:

To make sense of the fast-developing situation at California’s Oroville Dam, Chris spoke today with Scott Cahill, an expert with 40 years of experience on large construction and development projects on hundreds of dams, many of them earthen embankment ones like the dam at Oroville. Scott has authored numerous white papers on dam management, he’s a FEMA trainer for dam safety, and is the current owner of Watershed Services of Ohio which specializes in dam projects across the eastern US. Suffice it to say, he knows his “dam” stuff.

Scott and Chris talk about the physics behind the failing spillways at Oroville, as well as the probability of a wider-scale failure from here as days of rain return to California.

Sadly, Scott explains how this crisis was easily avoidable. The points of failure in Oroville’s infrastructure were identified many years ago, and the cost of making the needed repairs was quite small — around $6 million. But for short-sighted reasons, the repairs were not funded; and now the bill to fix the resultant damage will likely be on the order of magnitude of over $200 million. Which does not factor in the environmental carnage being caused by flooding downstream ecosystems with high-sediment water or the costs involved with relocating the 200,000 residents living nearby the dam.

Oh, and of course, these projected costs will skyrocket higher should a catastrophic failure occur; which can’t be lightly dismissed at this point.

Scott explains to Chris how this crisis is indicative of the neglect of the entire US national dam system. Oroville is one of the best-managed and maintained dams in the country. If it still suffered from too much deferred maintenance, imagine how vulnerable the country’s thousands and thousands of smaller dams are. Trillions of dollars are needed to bring our national dams up to satisfactory status. How much else is needed for the country’s roads, railsystems, waterworks, power grids, etc?

Both Chris and Scott agree that individuals need to shoulder more personal responsibility for their safety than the government advises, as — let’s face it — the government rarely admits there’s a problem until it’s an emergency. Katrina, Fukushima, Oroville — we need to critically parse the information being given to us when the government and media say ‘it’s all under control’, as well as have emergency preparations already in place should swift action be necessary.

Tot slot nog een kopie van een laatste bericht op NOS teletekst:

Omwonenden Oroville Dam weer terug

De bijna 200.000 omwonenden van de
hoogste dam van de VS mogen weer naar
huis.De Oroville Dam in Californië was
door hevige regenval zo beschadigd dat
een overstroming dreigde.

Het waterpeil in het stuwmeer was zo
sterk gestegen,dat er door de waterdruk
een gat ontstond in de noodafvoer.
Inmiddels is er genoeg water uit het
meer afgevoerd,waardoor de afvoer
voorlopig niet meer nodig is.

De omwonenden kunnen per direct terug,
maar de autoriteiten roepen de bewoners
wel op om waakzaam te blijven.Mogelijk
moet er bij hevige regenval opnieuw
geëvacueerd worden.

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

Kritische kanttekeningen bij VPRO documentaire over Amerikaanse schalie olie en gas revolutie

Onlangs (12 februari 2017) was er op de VPRO een documentaire over de Amerikaanse schalie olie en gas ‘revolutie’.

Klik hier om de documentaire te bekijken.

Om met de deur in huis te vallen: Het lijkt wel of de VPRO in de documentaire helemaal los gaat wat betreft het promoten van neoliberaal kapitalisme. Laatstgenoemde zal wel niet de intentie van de documentaire geweest zijn, maar dat proef ik er nu eenmaal uit. Alleen al de titel “Schalie cowboys”.
Het lijkt wel een lofzang voor de vrije markt. Dat de vrije markt altijd wel een oplossing vind voor een nijpend probleem…tot het een keer flink mis gaat. Bijvoorbeeld in het jaar 2008 ging het bijna helemaal mis. Er werd toen flink ingegrepen in de zogenaamde vrije markt, anders was de boel mogelijk helemaal ingestort.

De ‘schaliecowboys’ als voorbeeld dat de vrije markt altijd wel voor een oplossing zal zorgen…totdat blijkt dat de zogenaamde schalie ‘revolutie’ haar optimisme in de toekomst niet kan waarmaken en daardoor de wereld in de toekomst nog minder voorbereid is op een olieshock dan nu al het geval is.
En olie is naar mijn idee voor de hedendaagse wereldwijde economie nog steeds veel belangrijker dan aardgas. Er zijn een heleboel economische activiteiten, zeker in de transport sector en in de de landbouw, waarvoor geen grootschalig toepasbare alternatieven aanwezig zijn en dat zal nog wel vele jaren zo blijven.
Aardgas is veel makkelijker vervangbaar dan aardolie. Economische activiteiten die met behulp van aardgas gerealiseerd worden, kunnen in het algemeen ook bijvoorbeeld door alternatieven, van steenkool tot wind en zonne-energie, gerealiseerd worden. Olie is voor menig economische activiteit (zeker op grote schaal) nog steeds onmisbaar.

Wil de VPRO documentaire ons doen geloven dat we in soort van oneindige olieproductie wereld leven?
Ik vermoed haast van wel aangezien er in de documentaire totaal geen tegengeluid is te horen. Over tien jaar weten we vast meer of het schalie oliegebeuren een echte revolutie is of dat het, zoals Art Berman het enige tijd terug stelde, meer een afscheidsfeestje vlak voor het met pensioen gaan is.

Kanttekeningen bij de documentaire
Er zijn een flink aantal kritische kanttekeningen bij de documentaire te plaatsen.

Kanttekening 1: Documentaire m.i. ten onrechte erg beïnvloed door ‘anti-peakoilers’
Er wordt in de documentaire een heel optimistisch, heel eenzijdig beeld over de zogenaamde Amerikaanse schalie revolutie gegeven. Bijvoorbeeld ‘anti-peakoiler’ Daniel Yergin komt regelmatig aan het woord en wordt verkocht als iemand die de sterke opmars van de schalie olieproductie en de daarmee samenhangende sterke daling van de olieprijzen zag aankomen. Wat er niet verteld wordt is dat Daniel Yergin niet had voorzien dat de olieprijzen al vanaf het jaar 2002 aan een sterke opmars begonnen (met een tijdelijke daling in het jaar 2009 en een daling vanaf eind 2014). Zie onderstaande grafiek waarin weergegeven staat hoe vaak Yergin (en zijn bedrijf CERA) zich vergiste in verband met de olieprijzen:

Ook de volgende ‘voorspelling’ van Yergin (oprichter van CERA)  is bijlange na niet uitgekomen:

CERA in 2007 made a call that world oil production capacity would reach 112 million barrels per day in 2017, up from about 87 million barrels in 2007. Once again there was Steve Andrews who wrote at the time in 2007: “CERA is forecasting an addition of 20 million barrels within a decade… That’s a vision in search of reality. Anything is possible on paper, but we are betting you can’t do that with the drill bit.”

In het jaar 2007 ging Yergin een weddenschap aan dat de totale olieproductie in het jaar 2017 112 miljoen vaten per dag zou gaan bedragen. Daar zitten we nu anno 2017 flink onder. Anno 2017 betreft de totale olieproductie (alle liquids) ongeveer 97 miljoen vaten per dag. Dus wat betreft de wereldwijde olieproductie is Yergin veel te optimistisch geweest. Menig peakoiler was daarentegen weer te pessimistisch, maar hun schatting zat in het algemeen wel veel dichter bij de huidige werkelijkheid dan de schatting van Daniel Yergin.

Op het punt van de Amerikaanse olieproductie en daarmee samenhangend de huidige olieprijzen heeft de ras optimist Daniel Yergin uiteindelijk wel gelijk gekregen. Hij weet zijn ‘empirisch’ gelijk goed te verkopen. Als hij een keer op een punt gelijk heeft wil nog niet zeggen dat hij daarmee ook de waarheid in pacht heeft wat betreft de toekomst.

Daniel Yergin is niet voor niets zo optimistisch. Hij is een fervent aanhanger van de vrije markt [met name de laissez faire variant als ik de commentaren op één van zijn boeken mag geloven] of met andere woorden dat alle problemen via de vrije markt opgelost kunnen worden. Als de vrije markt niet in staat zou zijn om een belangrijk probleem op te lossen, is het alsof hun god (de vrije markt) faalt.
Daniel Yergin heeft in het verleden dus een boek geschreven waaruit sterk blijkt dat hij een fervent aanhanger is van een (niet door de overheid gereguleerde) vrije markt, namelijk dit boek (Commanding Heights).

Hieronder enkele vanuit ‘een eindige wereld perspectief’ m.i. betekenisvolle commentaren in verband met een boek uit de hand van ‘anti-peakoiler’ Daniel Yergin:

Een eerste commentaar:

And, here we should note that Yergin is the author of another famous book called Commanding Heights, a paean to free market ideology. To admit the possibility of a nearby peak would be to admit that the free market has already failed to predict and fix a critically important problem, one that could challenge the very continuity of modern civilization. It would be like saying one’s god had failed, the god in this case being the “marketplace.”

Het toegeven dat piekolie al voor de deur staat terwijl er nog geen geloofwaardige alternatieven aanwezig zijn die tijdig op grote schaal geïmplementeerd kunnen worden gaat in tegen het geloof dat de vrije markt tijdig alle grote problemen kan oplossen. Alsof het heftig toeslaan van piekolie zou betekenen dat hun god (de vrije markt) gefaald heeft.

Een tweede commentaar:

The downside of free markets, both globally and domestically is not examined, despite the fact that the argumentative ammunition to bring down anti-market theories is abundant.

Dat Yergin in zijn boek niet in gaat op de schaduwzijde van vrije markten, terwijl hij wel volop aandacht heeft voor de schaduwzijden van de ‘anti (vrije) markt theorieën.

Een derde commentaar:

Keep in mind that there are some goods and services that the market simply cannot deliver and like most cycles in history this debate is probably not settled.

De discussie dat de vrije markt altijd kan voorzien in alle vitale goederen en diensten is nog lang niet beslecht.

Een vierde commentaar:

Written on the eve of the dot-com bust, and a decade before the economic meltdown of 2008, Yergin and Stanislaw used this book as a platform to ballyhoo the (in their view) ultimate and final triumph of deregulated laissez-faire economics over the Keynesian mixed-economic policies which led to the unprecedented and widely-distributed prosperity which defined the post-WWII era in the industrialized “First World” and America in particular.

Het boek was geschreven vlak voor de dotcom bubbel (uit mijn hoofd het jaar 2001) instortte. In dit commentaar wordt aangegeven dat in het boek van Daniel Yergin vooral de laissez fair variant van de vrije markt bejubeld wordt. Zeg maar het bejubelen van het neoliberale kapitalisme.

Een vijfde commentaar:

As a result, the reading is quite repetetive. The thesis is clear: market economies work best. There is almost no discussion on the limitations of market economies — or of their social consequences.

Nogmaals wordt in een commentaar benadrukt dat de schaduwzijden van een vrije markt economie niet besproken worden.

Een zesde commentaar:

Yes, great historical and analytical writing on a great many world economies, but not the justification for globalization it claims. We return to Laissez-Faire, Global economics and Surprise Surprise Surprise, the world is once again thrown into wild swings of booms and busts, widening income disparity, environmental degradation and economic insecurity for the vast vast majority. No Improvement. I’m now convinced of the opposite of the thesis of this book. I’d prefer 5% inflation (just ask a Realtor) and the middle class life my parents and grandparents enjoyed in the 50’s 60’s and 70’s to the current situation. Long Live Keynes!

In dit commentaar wordt aangegeven dat de vrije markt en de bijbehorende globalisatie behoorlijke schaduwzijden met zich meegebracht hebben. Daar kan ik me wel in vinden.

Een zevende commentaar:

I was curious to see what the reviewers might be saying about the declarations, which “The Commanding Heights” serves-up as resolute truth, relative that is to the very near collapse of the world market economy in 2008.
Seems these ardent free-marketers have shrunk back; their fingers-on-the-pulse a little iffy, ever since the over-night insolvency and bankruptcy of Lehman Brothers.
While an informative read, with every turn of the page, and no matter the sensibilities outlined, always remained in the back of my mind about his book:
“sounds perfectly sensible and credible until things suddenly go starkly wrong!”

De vrije markt klinkt misschien geweldig tot het moment dat het flink mis gaat (in het jaar 2008 zou het hoogstwaarschijnlijk flink mis gegaan zijn als er niet door de overheid flink ingegrepen zou zijn). Hebben ze het nog niet eens over andere schaduwzijden van de ongebreidelde vrije markt. Een ongebreidelde vrije markt die in de praktijk vrijwel geen oog heeft voor het belang van milieu, grondstoffen en energie.

Een achtste commentaar:

The “Chicago School of Economics” celebrates its wisdom, models and planning in country after country. However, in every country and economics system, the sustainable natural resource base is overlooked. Keynes may be the “father” of market economics, but Keynes is a short-term perspective. We are approaching Peak Oil and Peak Water and 6.6+ billion people all striving for a USA standard of living. The USA standard of living is based on cheap oil and cheap water and we are entering the “Crude Awakening.”

Laatstgenoemde commentaar is al wat ouder, maar naar mijn idee nog steeds erg relevant. Namelijk dat in gangbare economische theorieën het wezenlijke belang van een duurzame grondstoffen basis in breedste zin van het woord over het hoofd gezien wordt.

Tot zover enkele commentaren op een boek van Daniel Yergin. Het lijkt misschien wat off topic, maar het is doelbewust gedaan om aan te geven dat naar mijn smaak in de VPRO documentaire tussen de regels door heel erg een boodschap gebracht wordt dat we in een soort van oneindige wereld leven waarin de vrije markt altijd met oplossingen voor nijpende problemen komt. Dat door dat achterliggend ‘geloof’ men niet openstaat voor tegengeluiden.

Kanttekening 2: Geen revolutie maar een ‘fat tail’ fenomeen
Zeker wat betreft de Amerikaanse tight olie (schalie olie) productie is er volgens menig onafhankelijk analist geen sprake van een revolutie, maar sprake van een tijdelijk ‘fat tail’ fenomeen. Het is verschrikkelijk duur om alle benodigde infrastructuur op te bouwen om op grote schaal schalie oliewinning te realiseren. In de rest van de wereld ontbreekt de nodige basis om winning van schalie olie te realiseren. In bijvoorbeeld een deel van Siberië zit ook flink wat schalie olie, maar op basis van wat ik gelezen dient er nog heel wat gebeuren eer er aldaar serieuze pogingen ondernomen zullen worden deze olie te winnen. En als ik me niet vergis heeft China enige tijd geleden getracht om in een bepaald gebied van China schalie gas te winnen, maar de pogingen hebben weinig of geen resultaat opgeleverd.

Wat betreft de Amerikaanse schalie gas zou men wel kunnen spreken van een soort van revolutie waardoor de aardgasvoorziening nog een jaar of tien of misschien wel tientallen jaren op betaalbare wijze op peil gehouden kan worden en er daardoor meer tijd overblijft om een eventuele transitie naar een meer duurzame samenleving te bewerkstelligen. Alhoewel, er zijn ook diverse analisten die laatstgenoemde sterk in twijfel trekken. Dat bijvoorbeeld ook de productie in de Marcellus en utipa binnen een jaar of 10 sterk zal gaan dalen. Maar zoals eerder vermeld is m.i. oliewinning veel belangrijker voor de huidige wereldeconomie dan aardgaswinning. Als de olieshock al op relatief korte termijn toeslaat, heeft men aan al dat aardgas vrijwel niets.

Het gevaar van de boodschap van anti-peakoilers zoals Daniel Yergin is dat, wanneer mogelijk al in de nabije toekomst piekolie inderdaad keihard gaat toeslaan, de wereld nog minder voorbereid zal zijn dan nu al het geval is.

Een uitstel van het ‘piekolie moment’ betekend nog geen afstel ervan, zoals menigeen en zeker ook de media ons graag wil doen geloven. Zo van don’t worry, we leven in een oneindige wereld waarin uiteindelijk iedereen rijk kan worden als men hard genoeg werkt, zijn of haar best doet en assertief genoeg opstelt. Dat extreme rijkdom gerechtvaardigd wordt door te suggereren dat we in een oneindige wereld leven.

Om het anders te formuleren: Wat me opvalt is dat er in de VPRO documentaire vrijwel geen enkele twijfel geuit wordt aan de toekomstige ‘houdbaarheid’ van de Amerikaanse schalie olie productie. Men had om flink tegenwicht aan de optimistische visie ten aanzien van de toekomstige tight olie productie (en ook toekomstige schalie gas productie) bijvoorbeeld David Hughes aan het woord kunnen laten komen of desnoods Arthur Berman of iemand van één of ander energiebureau die ook kritisch staat ten aanzien van de toekomstige wereldwijde bijdrage van met name schalie olie (betere benaming is tight oil, maar dat terzijde).

De Amerikaanse schalie olieproductie in een breder perspectief:
Vanuit een breder perspectief is Shale oil eerder een ‘fat tail’ dan een structurele oplossing voor energie probleem.
De totale Amerikaanse schalie olie productie bedraagt momenteel ongeveer 4 miljoen vaten per dag en zal onder een erg optimistisch scenario van het EIA onder een regime van hoge olieprijzen (meer dan 70 dollar per vat) binnen tien jaar kunnen stijgen tot zo’n 7 a 8 miljoen vaten per dag.

In onderstaande grafiek de schalie olie productie gedurende de afgelopen jaren:

De overige olieproductie in de VS bedraag grofweg 5 miljoen vaten per dag (offshore olieproductie in golf van Mexico en conventionele olieproductie op Amerikaanse vaste land). De Amerikaanse conventionele olieproductie is nu al aan het dalen en binnen hooguit een paar jaar zal ook de olieproductie in de golf van Mexico gaan dalen. De totale wereldwijde all liquids productie bedraag momenteel ongeveer 97 miljoen vaten per dag. De komende vijf jaar zal als er geen al te gekke dingen gebeuren de wereldwijde olieconsumptie nog met ruim 5 miljoen vaten per dag stijgen. De afgelopen jaren steeg de wereldwijde olieconsumptie op jaarbasis met ruim 1 miljoen vaten per dag.
Drie miljoen vaten per dag aan extra schalie olie gaat naar mijn bescheiden mening niet voorkomen dat binnen enkele jaren de wereldwijde olieproductie een maximum gaat bereiken. Het is nog maar de vraag of de Amerikaanse schalie olie (tight oil) productie nog met drie miljoen vaten per dag opgekrikt kan worden, maar dat terzijde.
In de rest van de wereld is de schalie olie productie nog totaal niet van de grond gekomen en volgens menig onafhankelijk analist (en zelfs ook volgens een artikel van het IEA), is de kans erg klein dat dit de komende jaren gaat gebeuren. Het hele schalie olie en gas gebeuren kon in de VS plaatsvinden, omdat in de VS heel veel kapitaal aanwezig is en een zeer grote, uitgebreide en goed ontwikkelde industrie in verband met de oliewinning. Met behulp van enorme sommen aan goedkoop geld en de zeer grote, uitgebreide en goed ontwikkelde industrie (inclusief alle toeleveringsbedrijven) kon in de VS de schalie olie productie in korte tijd flink stijgen. Er zit dus een flink prijskaartje aan vast. Zie daartoe onderstaande grafiek waarin de sterk gestegen totale schulden in het schalie gebeuren zijn weergegeven:

Kanttekening 3: De recente kostendaling in de schalie oliewinning is maar voor een klein deel te verklaren door betere efficiëntie en technologie
Het heeft heel veel middelen (en daarmee samenhangend geld) gekost om de infrastructuur te ontwikkelen die noodzakelijk is om de Amerikaanse tight olieproductie vorm te geven en daarna flink op te krikken. Vele oliebedrijven zitten flink in de schulden. En heel belangrijk…bovendien is de recente kostendaling grotendeels te verklaren door factoren die niets van doen hebben met verbeterde efficiëntie en technologie.
Lees daartoe bijvoorbeeld dit artikel. Het schalie oliegebeuren is, zoals ook in de 22-ste minuut van de VPRO documentaire wordt opgemerkt, gewoon een kapitaalintensieve industrie.
Op bijvoorbeeld www.peakoilbarrel.com zit men wat betreft het schalie olie gebeuren bovenop het nieuws. De recente signalen zijn niet gunstig wat betreft de toekomstige productie aldaar. De Amerikaanse schalie olieproductie zal, zeker in het geval de olieprijzen weer (al dan niet tijdelijk) flink omhoog gaan nog noemenswaardig gaan stijgen, maar hoogstwaarschijnlijk slechts voor een paar jaar. Er zijn in ieder geval relatief hoge tot erg hoge olieprijzen benodigd om de schalie olieproductie weer terug noemenswaardig (met meer dan een miljoen vaten per dag) op te krikken. Maar wereldwijd gezien stellen die paar miljoen extra vaten per dag aan schalie olie niet zoveel voor. Als de wereldwijde vraag binnen twee jaar met ruim twee miljoen vaten per dag stijgt, is de bijdrage van de schalie olie weer al te niet gedaan. Ondertussen is de olieproductie in met name Azië (vooral China), Mexico, Venezuela en nog menig ander belangrijk olie producerend land flink aan het inzakken. En de gevolgen van de recente flink verminderde investeringen gaan we pas over een paar jaar volop merken, bijvoorbeeld door een sterke afname in de diepzee olie productie.  Dus vanuit een breder perspectief is het Amerikaanse schalie olie gebeuren meer een tijdelijk ‘fat tail’ gebeuren dan een oplossing voor het energie probleem.

Volgens bijvoorbeeld dit artikel is minder dan 40% van de kostenreductie in het schalie olie gebeuren verklaarbaar door betere efficientie en techniek, de overige ruime 60% is verklaarbaar door de oliewinning te beperken tot de zogenaamde ‘sweetspots’ en dat aanleverenbedrijven de benodigde middelen goedkoper aanbieden vanwege ingestorte vraag.
Een quote uit het artikel i.v.m. kostenreductie:

In other words, about three-quarters of the cost reductions have come from trends that will not ultimately improve the overall recovery of oil. First of all, oilfield service companies will start demanding higher prices as drilling rebounds, which will lead to a rebound in drilling costs.

Met andere woorden dat de toeleveringsbedrijven (oilfield service companies), om het hoofd boven water te houden, bij toenemende vraag naar hun materialen en diensten weer terug hogere prijzen voor hun materialen en diensten gaan vragen. Dus dat bedrijven welke de olie uit de grond halen bij stijgende vraag naar middelen weer meer voor het benodigd materiaal en diensten moeten gaan betalen. Dat de kosten daardoor eerder weer terug toenemen dan verder afnemen. Er zijn nog andere bronnen die aangeven dat de recente kostenreductie bij de schalie oliewinning voor het grootste deel niet toegeschreven kan worden op betere technologie en efficiëntie, maar ik laat het hier bij.

Tot slot nog een belangrijke kanttekening in verband met “peakoil theorie bij het oud vuil”.
In de begeleidende tekst behorende bij de VPRO documentaire is men wel heel stellig en erg voorbarig, een quote uit de begeleidende tekst:

peak oil theorie bij het oud vuil

Hoe zet deze controversiële innovatie de wereld van de energie op zijn kop? Want dit nieuwe aanbod aan goedkope energie biedt ons in feite meer tijd om de transitie naar een duurzame wereld vol zonne- en windenergie te overbruggen. Enkele jaren terug gingen alle experts en analisten nog uit van de Peak oil theorie. Namelijk dat de fossiele reserves in de wereld aan het opraken waren. De schalierevolutie heeft die theorie in slechts enkele jaren bij het oud vuil gezet. De fracking-technologie opent een heel nieuw reservoir aan fossiele brandstoffen. Energie-goeroe Daniel Yergin noemt daarom schaliewinning de energie-innovatie van de 21e eeuw.

Ik weet niet wat degene die het stuk geschreven heeft onder peak oil verstaat, maar voor mij betekend ‘peak oil’ het jaar waarin gemiddeld de hoogste (maximale) wereldwijde olieproductie bereikt wordt om vanaf dat moment in de toekomst permanent te gaan dalen.

Piekolie betekend dus niet dat de olie ineens op is. Dat willen ‘anti piekoilers’ de media graag doen geloven om de ‘piekolie beweging’ zoveel mogelijk in diskrediet te brengen. Piekolie gaat over hoeveel er per tijdseenheid uit de tap stroomt en niet over de hoeveelheid olie in de tap. Men kan enorm veel olieachtige substanties in de bodem hebben zitten, maar als men niet in staat is om bijvoorbeeld gemiddeld op dag of  jaarbasis de olieproductie verder op te krikken is de maximale olieproductie dus ook piekolie een feit.
Ik vrees dat ze bij de VPRO al binnen 10 jaar hun visie noodgedwongen flink mogen herzien, waarschijnlijk al rond het jaar 2020. Dat ze tegen die tijd een nieuwe documentaire kunnen maken dat de zogenaamde schalie revolutie (en dan met name de schalie olie lobby) heel veel mensen flink wat zand in de ogen gestrooid heeft, waardoor de wereld nog minder voorbereid is op een olieshock dan nu al het geval is. Met dank aan de de schalie lobby.
Om het te herhalen…in de documentaire wordt bijvoorbeeld ook de grote ‘anti-peakoiler’ Daniel Yergin geïnterviewd.

Tot slot nog een opmerking van een geoloog en enkele verwijzingen naar artikelen
Tot slot nog een opmerking van een geoloog (althans hij beweerd geoloog te zijn en is actief in de Amerikaanse oliewinning):

“They are already looking forward to drilling under the Saudi oilfields once these have dried up.” 100% bullshit. The deeper sections were drilled decades ago. In general the ME oil fields are relatively shallow”

Hij reageert in boven getoonde quote op een opmerking in de VPRO documentaire dat Saoedi Arabië alvast ‘kijkt’ om in de toekomst olie te gaan winnen welke zich bevindt onder de conventionele olievelden. Volgens de commentator is dergelijke informatie onzin. Volgens hem is men in Saoedi Arabië al decennia lang bezig de diepere lagen van de olievelden leeg te pompen en zijn de olievelden aldaar relatief dun.
Los van bovengenoemd commentaar herinner ik me dat ook andere geologen wezen op het gegeven dat de bulk van de Saoedische olie in het algemeen wordt aangetroffen in grote ‘conventionele’ olievelden, terwijl de Amerikaanse olie in het algemeen in lastig winbare onconventionele olievelden wordt aangetroffen en veel meer verspreid is over het Amerikaanse continent. Dat ook de kwaliteit van de Saoedische olie anders is dan de olie in Amerikaanse bodem. Maar dat terzijde.

In dit artikel wordt in cijfers aangegeven hoe beroerd enkele grote internationale oliebedrijven er voor staan. Dat is niet al te best. In mijn ogen is het vooral ook interessant om de commentaren bij het artikel te lezen. Er wordt heel veel recent nieuws over de financiële ‘toestand’ van allerlei oliebedrijven aangehaald en dat ziet er niet best uit.

En twee quotes uit het meest recente artikel uit de hand van Tom Whipple

Observers are starting to note that while the US shale industry, aided by generous loans from Wall Street, is rebounding quickly the US oil majors that are dependent on increasing expensive offshore oil production are not doing well. In fact, some observers are calling the financial situation at ExxonMobil, Chevron, and ConocoPhillips (The big three) “dreadful.” The net income of these companies is down from $80 billion in 2012 to $3.7 billion last year, with no significant improvement in sight. Their free cash flow now is negative, and the situation would have been even worse if they had not reduced their capital expenditures from $87 billion in 2013 to $46 billion in 2016. Reductions of this size do not bode well for their oil production five years from now given the rate at which offshore deposits deplete due to heavy use of water flooding to drive up production. Moreover, as “solid” corporations, these companies felt obligated to pay out $21.4 billion in dividends last year that were not covered by cash flow. In the last three years, these companies have been selling off assets and have increased long-term debt from $40 to $95 billion to cover capital expenditures and dividends.

Tom Whipple vermeld dat de financiële situatie van de grote internationale oliebedrijven zacht uitgedrukt niet geweldig is en dat er voorlopig nog geen zicht op verbetering is.
Terzijde, los van het artikel van Tom: Ik heb recentelijk in diverse artikelen gelezen dat vooral de investeringen in de offshore olieproductie nog steeds de wensen over laten, omdat het gewoonweg te duur is. Over enkele jaren gaan we de gevolgen van deze flink verminderde investeringen volop merken in een minder snelle toename of zelfs een afname van de wereldwijde olieproductie.

Where all this leaves us in the next decade depends on many variables. Unless oil prices go considerably higher in the next year or so, we are unlike to see much improvement in the offshore oil situation and therefore the prospects of the big oil companies. We currently have a shale oil boomlet in the US with oil prices below $60 a barrel. The industry continues to convince Wall Street that they have the potential to be profitable, but outside observers are skeptical. In the last two years. the shale oil industry has survived by drilling in only the best, most productive spots that will soon be disappearing and driving costs much higher. They are also surviving at the expense of the oil services industry which has been providing services at little or no profit. We are already hearing that in the booming Permian Basin costs are rising much faster than oil prices.

Ook volgens Tom W. blijven de vooruitzichten voor de offshore olieproductie ondermaats en daardoor ook de verwachtingen voor de grote internationale oliebedrijven. Tom merkt verder nog op dat de kosten om olie te winnen in het goudhaantje van de Amerikaanse oliewinning, the Permian Basin, sneller aan het stijgen zijn dan de olieprijzen. Een teken aan de wand?

Geplaatst in Uncategorized | 9 reacties

De paradox in de wereldwijde olievoorziening.

De titel van dit blogartikel is geïnspireerd door een artikel uit de hand van ene Nafeez Ahmed.
De paradox is dat ‘we’ enerzijds bij wijze van spreken ‘verdrinken’ in de enorme hoeveelheden aan olie in de grond, maar anderzijds het (volgens diverse onafhankelijke analisten en energiebureaus) er steeds meer naar uitziet dat er al in de nabije toekomst voelbare tekorten aan olie gaan ontstaan, omdat stellig geformuleerd de wereldwijde olieproductie in de nabije toekomst niet meer op peil gehouden kan worden.

Groot verschil inschatting van oliereserves: BP (British Petroleum) schat actuele wereldwijde oliereserve flink groter in dan HSBC.
Recentelijk zijn er twee rapporten verschenen over de wereldwijde oliereserves, namelijk eentje uit de hand van BP en eentje uit de hand van HSBC. Over het HSBC rapport is op deze blog een tijdje terug al een artikel verschenen. Klik hier voor het artikel over het HSBC rapport.

Ten aanzien van de actuele wereldwijde oliereserves is BP flink meer optimistisch dan HSBC.
Waarom is BP meer optimistisch? Zijn er volgens BP echt veel meer oliereserves dan volgens HSBC het geval is of is het meer dat BP soepeler tegen oliereserves aankijkt dan HSBC?
Volgens dit artikel uit de hand van ene Nafeez Ahmed, welke ik een goed artikel vind, is het laatstgenoemde het geval. Namelijk dat BP veel soepeler tegen oliereserves aankijkt dan HSBC. BP rekent een groot deel van de super lastig winbare oliereserves tot de technisch winbare reserves, terwijl HSBC meer kijkt naar wat er volgens hun de komende decennia wat betreft de wereldwijde oliereserves economisch winbaar is.
Het beeld dat in het artikel van Nafeez geschetst wordt past heel goed bij mijn beeld over de wereldwijde oliereserves en daarmee samenhangend de toekomstige wereldwijde olieproductie.
Om het stellig te formuleren: HSBC is ook naar mijn opvatting meer realistisch dan BP bij het inschatten van de hoeveelheid oliereserves die van belang zijn in verband met de toekomstige wereldwijde olieproductie.

Het is niet alleen Nafeez die kritische kanttekening plaatst bij het ‘optimisme’ van BP, er zijn ook andere analisten en bureaus die het optimisme van BP ten aanzien van de toekomstige wereldwijde olieproductie zacht uitgedrukt flink in twijfel trekken, maar dat terzijde.

Hoge inschatting BP (British Petroleum) vooral PR(Public Relations) stunt?
De opvattingen van BP zijn in mijn ogen vooral PR.
Als BP zou schrijven dat het te duur is geworden om de wereldwijde olievoorziening in de toekomst op peil te houden, is de kans m.i. groter dat er al snel veel meer geïnvesteerd zal gaan worden in alternatieve energievoorziening en minder in de oliewinning.
Niet dat BP liegt, maar BP gaat veel soepeler (veel minder streng) om met het inschatten van de wereldwijde oliereserves dan menig onafhankelijk analist of bureau. BP gaat er tussen de regels vanuit dat mede door betere technologie al die reserves in de grond ‘op economisch haalbare wijze’ uiteindelijk ook uit de grond gehaald zullen worden.
Het door BP aan de buitenwereld vertelde verhaal ‘dat er nog genoeg olie in de grond zit om de wereld de komende tientallen jaren van voldoende olie te voorzien’ is anders dan het verhaal te vertellen dat, ondanks dat er nog genoeg olie in de grond zit, het in de nabije toekomst niet meer mogelijk zal zijn de wereldwijde olieproductie op peil te houden.
Door de nadruk te leggen op de hoeveelheid ‘technisch’ winbare olie en door hoog in te zetten op de technologie factor ontstaat er naar de buitenwereld toe m.i. een veel te optimistisch beeld over de toekomstige wereldwijde olievoorziening. Want wat m.i. in het artikel van Nafeez heel aannemelijk gemaakt wordt is dat de technologie factor door BP veel te rooskleurig ‘ingeschat’ wordt. Lees daartoe het artikel van Nafeez, met name vanaf het kopje “We are finding less and less oil”.

Technisch winbaar versus economisch winbaar
BP heeft het bijvoorbeeld over ‘technisch’ winbare oliereserves. Technisch winbaar wil nog niet zeggen dat de olie ook economisch winbaar is. ‘Economisch’ winbare olie is een deelverzameling van de technisch winbare olie(reserves). En ook wordt olie van mindere kwaliteit op één hoop gegooid met olie van hoge kwaliteit.
Het verhaal van Nafeez komt er samengevat op neer dat er nog volop olie in de grond zit, maar dat de hoeveelheid aan goedkoop winbare olie van goede kwaliteit al flink is afgenomen. Dat de afname in productie van de goedkoop winbare olie steeds meer gecompenseerd dient te worden door een toename in productie van duur (lastig) winbare ‘onconventionele olie’. Dat slecht een heel klein deel van de enorme hoeveelheden aan ‘onconventionele olie in de grond’ ook met inzet van de meest geavanceerde technologie economisch winbaar is. Dat steeds hogere olieprijzen benodigd zijn om met behulp van geavanceerde technologie de huidige wereldwijde olieproductie op peil te houden. Er dient steeds meer geïnvesteerd te worden om de toekomstige wereldwijde olieproductie op peil te houden. Het ziet er steeds meer uit dat de benodigde investeringen niet meer opgebracht kunnen worden. Dat er steeds meer sprake is van afnemende meeropbrengsten (diminishing returns). Dat het mogelijk nu al te duur is geworden om de toekomstige wereldwijde olieproductie op peil te houden.
Samengevat: BP zet erg hoog in op technologie (dat de komende decennia technologie de winning van olie een stuk goedkoper zal gaan maken dan nu het geval is) en op de kracht van de wereldeconomie en daarmee samenhangend de toekomstige vraag naar olie.
Daarnaast is het natuurlijk afwachten in hoeverre de opkomst van alternatieven de vraag naar olie noemenswaardig ‘zal doen verminderen’. Onder een optimistisch ‘economische groei’ scenario kan de vraag naar olie nog flink stijgen, ondanks dat alternatieven flink in opmars geraken.
Onder een heel pessimistisch ‘economische groei’ scenario stort de vraag naar olie helemaal in, ondanks dat de alternatieven niet of nauwelijks in opmars geraken. Laatstgenoemde geval zou kunnen optreden gedurende een economische depressie.
Anders geformuleerd zou men kunnen stellen dat British Petroleum (BP) (in tegenstelling tot HSBC) er vanuit gaat dat een groot deel van de door hun ingeschatte technische reserves door betere technologie uiteindelijk ook economisch winbaar zullen worden.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Update extreem lage bovengrondse aardgasvoorraad in Engeland: Kouder weer op komst

Dit artikel is een vervolg op eerdere artikelen, namelijk dit artikel en het eind van dit artikel.

De bovengrondse aardgasvoorraad in Engeland is al een tijdje extreem laag voor de tijd van het jaar.

Momenteel (2 februari 2017) is de zogenaamd bovengrondse ‘lange termijn’ aardgasvoorraad in Engeland ‘extreem’ laag. En nu het er steeds meer naar uitziet dat het de komende weken in Engeland noemenswaardig kouder gaat worden met daarmee samenhangend een hogere vraag naar aardgas, zal de bovengrondse aardgasvoorraad in Engeland extra veel aangesproken (afgetapt) gaan worden.

Om aan te geven hoe laag de lange termijn voorraad momenteel wel niet is, hieronder een overzicht van de ‘lange termijn’ aardgasvoorraad (weergegeven in Gwh) in Engeland op 2 februari  en 2 april voor de jaren 2011 t/m 2017. Gemiddeld bereikt in de maand april de Engelse bovengrondse aardgasvoorraad haar laagste stand.
De gegevens zijn terug te vinden onder deze link of voor grafische weergave bijvoorbeeld onder deze link en met name onder deze link:

2 februari 2017:    7766 gWh—-> 2 april 2017: nog niet bekend
2 februari 2016:  19768 gWh —-> 2 april 2016: 5663 gWh
2 februari 2015:  20391 gWh —-> 2 april 2015: 5881 gWh
2 februari 2014:  24926 gWh —-> 2 april 2014: 18450 gWh
2 februari 2013:  20322 gWh —-> 2 april 2013:   414 gWh (vrijwel leeg)
2 februari 2012:  27270 gWh —-> 2 april 2012: 23664 gWh
2 februari 2011:  12134 gWh —-> 2 april 2011: 11711 gWh

In februari 2011 was de bovengrondse aardgasvoorraad in Engeland ook erg laag. Dat kwam doordat de voorgaande december maand (december 2010) erg koud was. Het was voor de Engelsen een groot geluk dat in de winter van 2010/2011 de februari en maart maand erg zacht verliepen en zodoende geen tekorten in aardgas voorziening ontstonden.

In de late winter en vroege lente van het jaar 2013 daalde de Engelse bovengrondse lange termijn aardgasvoorraad spectaculair. Van 5 april 2013 t/m 14 april 2013 was  de Engelse faciliteit voor lange termijn opslag zelfs helemaal leeg! Dankzij de nog aanwezige middellange lange termijn voorraad en extra import van LNG kwamen een heleboel Engelsen gedurende laatstgenoemde periode niet in de kou te zetten.  Het voorjaar van 2013 was in Engeland bijzonder koud.

Met behulp van de lange termijn voorraad wordt de middellange termijn voorraad aangevuld. Wanneer de lange termijn voorraad op is en dus niet meer de middellange termijn voorraad kan aanvullen, zal bij koud weer de Engelse middellange termijn voorraad al binnen grofweg 2 weken leeg zijn. [De korte termijn voorraad is bij koud weer al na grofweg één dag leeg]. Dan kan alleen nog maar met behulp van LNG en extra aardgas import uit de rest van Europa  extra aardgas aan het Engelse aardgasnet geleverd worden.

Momenteel (begin februari 2017) is de Engelse lange termijn voorraad aan aardgas dus extreem laag. De komende weken hoeven niet eens koud te verlopen om op het eind van deze maand (februari 2017) al een lege lange termijn voorraad te verkrijgen. Als het de komende weken in Engeland kouder dan normaal wordt [de kans op laatstgenoemde is niet echt klein] , zal al in het begin van de komende maart maand zowel de lange termijn als de middellange termijn aardgasvoorraad opgesoupeerd zijn. Als het tegen die tijd koud is, is het nog maar de vraag of met behulp van energie opgewekt via oude steenkoolcentrales en extra aardgas en LNG import bijvoorbeeld alle kantoorgebouwen en huizen in Engeland van voldoende warmte voorzien kunnen worden.

 

Geplaatst in Uncategorized | 3 reacties

Nos teletekst: Recordstraling reactor Fukushima

Onderstaande is geplukt van NOS teletekst website:

In de kerncentrale bij Fukushima zijn
zeer hoge stralingswaarden gemeten.De
eigenaar van de centrale zegt dat de
waarden sinds de kernramp in 2011 niet
zo hoog zijn geweest.

De zeer hoge waarden zijn gemeten in
het zogenoemde insluitingsvat,het
beschermende gebouw dat over reactor 2
is geplaatst.Daar zijn waarden gemeten
van 530 sievert per uur.Het oude record
stond op 73 sievert p/u.De helft van de
mensen die zijn blootgesteld aan 5
sievert p/u,sterft binnen een maand.

Het is niet duidelijk wat de hoge
stralingswaarden veroorzaakt of wat de
eigenaar eraan wil doen.

Hopen dat de beschermingswand op zijn minst zeer lang in stand blijft.

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

George Mobiot (en anderen) over Neoliberalisme

Naar verwachting nog lange tijd in bewerking…

Onderstaand stuk is min of meer een vervolg, aanvulling op een eerder artikel over neoliberalisme op deze blog. Klik hier voor het eerder op deze blog verschenen artikel over neoliberalisme.

Ik ben al een tijdje van plan om flink aandacht te besteden aan het zogenaamde neoliberalisme. Het is, althans voor mij, een behoorlijk complex onderwerp waar vanuit diverse invalshoeken naar gekeken kan worden.
Niet dat ik me mezelf als kenner zie, maar dat weerhoudt me niet om er het een en ander over te gaan schrijven. Wat mezelf betreft is er zeker nog sprake van voortschrijdend inzicht, zodat mijn begrip, mening (visie) over neoliberalisme in de loop ter tijd hoogstwaarschijnlijk nog noemenswaardig aangepast zal worden.

Alvorens stil te staan bij een tweetal video’s waarin ene George Monbiot zijn visie geeft over het hedendaagse neoliberalisme is het voor degenen die het interesseren misschien handig om eerst een in mijn ogen aardig artikel op de website van “DeWereldMorgen” te lezen.

DeWereldMorgen.be is een gratis nieuwswebsite die eigenzinnige visies op en dieper gravende analyses van de actualiteit biedt. Daarnaast brengen we onderwerpen die buiten de grenzen van de reguliere media vallen, maar die evenzeer relevant zijn of leven in de publieke ruimte.

Klik hier voor het relevante artikel.

Ook op wikipedia staan m.i. twee aardige omschrijvingen van het Neoliberalisme, namelijk:
1) Het historisch Neoliberalisme
Een quote:

De stroming dient niet verward te worden met de kritische term neoliberalisme dat eind jaren zeventig zijn intrede deed en betrekking heeft op een radicalere en laissez-faire-achtige vorm van kapitalisme

2)Het hedendaagse Neoliberalisme
Volledige tekst:

Neoliberalisme (“nieuw liberalisme”) is het vanaf de jaren tachtig internationaal overheersende economische beleid in de kapitalistische wereldeconomie. Dit laissez-faire-achtige beleid wordt gekenmerkt door privatisering, bezuinigingen op sociale voorzieningen, deregulering, vrijhandel, en vermindering van overheidsuitgaven, om zo de rol van de publieke sector te verkleinen. Instituten als het IMF en de Wereldbank zijn belangrijk geweest in het verbreiden van het neoliberale project, door eerder genoemde maatregelen als voorwaarde te stellen voor steun.

Er is lange tijd geen school of partij geweest die zich openlijk neoliberaal noemde in deze zin van het woord. In plaats daarvan was neoliberalisme vooral door wetenschappers en later ook activisten gebruikt, met soms wisselende definities. Zelfs het bestaan van het neoliberalisme als beleidsrichting is lang ontkend, tot topeconomen van het IMF het concept in 2016 gebruikten om het beleid van hun eigen instituut mee te duiden.Ideologisch is het neoliberalisme schatplichtig aan de Chicago school of economics.

Of de definitie op Investopedia:

What is ‘Neoliberalism’

Neoliberalism is a policy model of social studies and economics that transfers control of economic factors to the private sector from the public sector. It takes from the basic principles of neoclassical economics, suggesting that governments must limit subsidies, make reforms to tax law in order to expand the tax base, reduce deficit spending, limit protectionism, and open markets up to trade. It also seeks to abolish fixed exchange rates, back deregulation, permit private property, and privatize businesses run by the state.

Liberalism, in economics, refers to a freeing of the economy by eliminating regulations and barriers that restrict what actors can do. Neoliberal policies aim for a laissez-faire approach to economic development.

George Monbiot over Neoliberalisme:
Alvast een eerste video waarin George Monbiot zijn visie geeft over Neoliberalisme

En ook een tweede video waarin George Monbiot zijn visie geeft over Neoliberalisme

Dit blogstukje zal waarschijnlijk nog lang ‘in bewerking’ blijven, men kan niet alles tegelijk beschrijven. Er valt heel veel over te schrijven.

Maar alvast het volgende:
Het hedendaagse neoliberalisme heeft m.i. heel sterk ‘onze hedendaagse manier van kijken’ naar o.a. economie, politiek en samenleving’ beïnvloed. Dat als het ware het hedendaagse neoliberale ‘gedachtegoed’ geïnternaliseerd is geraakt in de samenleving zonder er bewust van te zijn, zowel bij links als rechts als men dat onderscheid wilt maken. Meer hierover later.

Het oorspronkelijke idee (jaren 30/40 in de vorige eeuw) was, kort door bocht geformuleerd, om via de toendertijd gevormde neoliberale visie de macht van een boze overheid te niet te doen (of het voorkomen dat overheid/regering tot bijvoorbeeld een fascistische of andersoortig uitbuitende kliek vervalt) door beslissingen via de ‘vrije markt’ (marktrelaties) te laten verlopen. En bij marktrelaties speelt geld een cruciale rol.

In de loop van de geschiedenis is daar zodanig invulling aangegeven dat het ‘oorspronkelijke’ neoliberalisme verworden is tot een soort van vrijwel onzichtbaar monster waarin de macht vooral in private handen is gevallen en niet bij een overheid die er voor de burgers is of noem maar op.
Dat de overheid min of meer een verlengstuk is geworden […bijvoorbeeld omdat via het neoliberale gedachtegoed geld in de bredere zin van het woord heel erg centraal gesteld wordt bij zowat alle beslissingen, alles in geld wordt uitgedrukt en de door ‘alles is te koop’ mentaliteit…] van anoniem opererende private krachten, zeg maar een internationaal opererende brede en rijke groep aan mensen die vooral via macht hun ‘verworven’ rijkdom willen veiligstellen door een gedachtegoed dat uiteindelijk ten koste gaat van mens en milieu.

Dat het neoliberalisme [politiek economische visie van het neoliberalisme] naar mijn idee een heel materialistische visie heeft gecreëerd op wat goed is voor een maatschappij. Dat het begrip vrijheid in het neoliberalisme een hele materialistische invulling heeft gekregen, namelijk vrijheid in het aangaan van marktrelaties en dat mensen als het ware vervallen zijn tot economische nummertjes en waarin ‘de aarde’ gezien wordt als een bol met een verzameling aan dingen waar te pas en te onpas gebruik gemaakt van kan worden, zolang het maar voor economische groei zorgt. Dat falen van mensen volledig aan mensen zelf toegeschreven kan worden, omdat ze geen goede ‘markt relaties’ zijn aangegaan. Dat de maatschappij opgedeeld kan worden in winnaars en verliezers en dat de verliezers zich dat volledig zelf kunnen verwijten (en niet allerlei externe omstandigheden).

Ik vermoed heel sterk dat flink wat mensen niet durven aangeven dat ze minder gelukkig zijn dan ze beweren te zijn, omdat men zonder te beseffen zich het neoliberale gedachtegoed eigen gemaakt hebben. Namelijk dat je ongeluk vooral aan jezelf te danken hebt en vooral niet aan externe factoren en daarom veel mensen voor zichzelf niet willen toegeven dat ze niet zo gelukkig zijn in deze zeer competitieve in materieel opzicht erg egoïstische maatschappij (en ook in andere landen m.i. steeds meer opgang vind). Ook dat de rijken hun rijkdom vooral aan zichzelf te danken hebben is naar mijn bescheiden opvatting meer schijn dan werkelijkheid. Meer hierover later. 😉

Het stimuleren van assertief gedrag begon als ik me niet vergis in de jaren 80 van de vorige eeuw. De opkomst van het stimuleren en benadrukken van assertief gedrag had naar mijn idee heel erg van doen met de opkomst van het nieuwe neoliberale economische beleid. Op zich is assertiviteit zeker niet verkeerd, maar binnen een context van neoliberalisme is die assertiviteit vooral gericht om te overleven in een heel competitieve en in materialistische zin egoïstisch ingestelde samenleving. Soort van assertiviteit die mensen dwingt om als een soort van éénpersoons BV te overleven in een zeer competitieve en door reclame besmette op uiterlijkheden gerichte samenleving, om daarmee de economie extra te stimuleren. Laatstgenoemde toepassing van assertiviteit is naar mijn idee wat neoliberalen heel graag als norm terug willen zien en dat is hun goed gelukt.

Dat via het neoliberalisme de macht van het ‘grote geld’ gewaarborgd is, ten koste van het groter geheel. Dat eigenlijk ‘naar buiten toe’ de invulling van het begrip vrijheid in het neoliberalisme onbenoemd blijft.
Dat vanuit de neoliberale visie en beleid de invloed van het grote geld ook op de politiek flink vergroot is. Dat de werkelijke macht anoniem is en bijvoorbeeld via allerlei instituten, lobby werking een flinke stempel op politiek en media hebben. Dat ook de media veel te veel door het grote geld beïnvloed wordt, als het niet direct is dan wel indirect. Want geld is waar het allemaal om draait. Dat laatste is misschien wat cru gesteld maar naar mijn idee wel inherent aan het neoliberale gedachtegoed. Een ‘gat in de markt trappen’ heeft ook een neoliberaal karaktertrekje, maar dat terzijde, want als het niet lukt om op een empathische wijze een vorm van ‘marktrelaties’ te creëren kan het altijd nog op een agressieve wijze. Het resultaat telt, als het maar wat oplevert.

Want het is best wel lastig om een goed alternatief te bedenken voor het neoliberalisme, het heeft zo haar ‘eigen interne logica’. Zonder te beseffen is het hedendaagse neoliberalisme (m.i. gif) […naar mijn bescheiden mening hebben enkele ‘denktanks’ daar doelbewust naar toegewerkt en niet alleen denktanks vermoed ik…] zo diep in de poriën van mensen doorgedrongen dat het heel lastig is om er op een afstand naar te kijken. Ik heb wel een alternatieve visie maar is nogal ingrijpend verhaal, vooral wat betreft zaken die mensen als vanzelfsprekend zijn gaan vinden. Later hierover waarschijnlijk meer.

Ik hoop in de toekomst het verhaal wat meer gestructureerd vorm te geven…bovengenoemde is bedoeld om op een brainstormachtige wijze weer te geven waar ik graag over wil gaan schrijven.

Wordt vervolgd….

Geplaatst in Uncategorized | 6 reacties