In de EU-28 is het energieverbruik ruim twee maal zo hoog dan de energieproductie

Voor de landen behorende tot de EU-28 is (bron Eurostat) het (primaire) energieverbruik aldaar ruim 2 maal zo hoog dan de (primaire) energieproductie aldaar. En dan hebben ze het nog niet eens over de toenemende benodigde hoeveelheid aan bruikbare energie om een bepaalde hoeveelheid aan bruikbare energie te kunnen produceren, dat de zogenaamde ERoEI steeds verder aan het dalen is.

Volgens Eurostat bedroeg in het jaar 2015 de totale primaire energieproductie in de EU-28 ongeveer 767 miljoen ton olie equivalent. In het jaar 2005 bedroeg deze nog ongeveer 904 miljoen ton olie equivalent.
In het jaar 2015 bedroeg in de EU-28 het totale energieverbruik ongeveer 1627 miljoen ton olie equivalent.
De netto import aan primaire energie bedroeg, aldus Eurostat, in het jaar 2015 ongeveer 902 miljoen ton olie equivalent.

Samengevat verbruikt de EU-28 dus veel meer energie dan dat het produceert.

Verder is volgens Eurostat in de EU-28 sinds het jaar 1990 de afhankelijkheid van energie import (uitgedrukt in procenten van het totale energie verbruik in de EU-28) flink toegenomen, namelijk van iets meer dan 40% in het jaar 1990 tot ongeveer 54% in het jaar 2015. Dus dat in het jaar 2015 in de EU-28 het totale energieverbruik al voor meer dan de helft op conto van energie import komt.

EU-28 dependency on energy imports increased from slightly more than 40 % of gross energy consumption in 1990 to reach 54.0 % by 2015 (see Figure 3). Since 2004, the EU-28’s net imports of energy have been greater than its primary production; in other words, more than half of the EU-28’s gross inland energy consumption was supplied by net imports and the dependency rate exceeded 50.0 %.

en

More than half of the EU-28’s energy comes from countries outside the EU and this proportion has been generally rising over recent decades (although there is some evidence to suggest that the dependency rate has stabilised in recent years). Much of the energy imported into the EU comes from Russia, whose disputes with transit countries have threatened to disrupt supplies in recent years. Concerns about the security of supply from Russia were further heightened by the conflict in Ukraine.

Wat betreft energievoorziening blijft de EU-28 voorlopig nog flink afhankelijkheid van Rusland. Als straks ook in Noorwegen bijvoorbeeld de aardgasproductie noemenswaardig gaat dalen, dan wordt die afhankelijkheid onder een “business as usual” scenario (ook wel eens het doorsukkel scenario genoemd) alleen maar groter. Als mogelijk op korte termijn er al sprake gaat zijn van een piek in de wereldwijde bruto olieproductie [een piek in de wereldwijde olieproductie die niet gecorrigeerd is op energie input], zal naar mijn bescheiden mening laatstgenoemde zacht uitgedrukt heel sterk voelbaar worden voor de inwoners van de EU-28.

Advertenties
Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Toenemende tegenwind in het Amerikaanse schalie oliegebeuren

Laatste update op 13 november 2017: Nog een verwijzing naar artikel (zie nr 6 onderin dit blogartikel) toegevoegd.

De kans dat er al voor het jaar 2020 een flinke olieshock kan plaatsvinden is groter aan het worden, momenteel schat ik die kans in op 50 %. 🙂

Recentelijk is het optimisme over het gemak waarmee de Amerikaanse schalie olieproductie de komende jaren nog opgekrikt kan worden flink verminderd. Meer hierover verderop in dit artikel.

Ook in andere delen van de wereld zijn er grote onzekerheden i.v.m. de toekomstige olieproductie. Het zou zo maar kunnen zijn dat de komende maanden de olieproductie in met name Nigeria en Venezuela meer dan noemenswaardig gaat dalen.
In Nigeria vanwege het beëindigen van de wapenstilstand tussen Nigeriaanse opstandelingen en het Nigeriaanse bewind. De opstandelingen dreigen weer met aanvallen op allerlei olieproductie faciliteiten in Nigeria.

Zie bijvoorbeeld dit artikel en dit artikel:

A militant group in Nigeria’s southern Niger River delta, whose attacks on oil installations in 2016 cut output to the lowest in three decades, said it ended a self-imposed cease-fire and will resume its violent campaign.

en

A group of the Nigerian militants who inflicted devastating attacks on oil installations last year pledged to resume their campaign in Africa’s second-largest crude producer. In Venezuela, home to the world’s largest tranche of reserves, President Nicolas Maduro announced plans to refinance or restructure sovereign debt, a destabilizing move that may impede the state-controlled oil producer’s ability to do business.

In Venezuela is sprake van flink achterstallig onderhoud van de gehele infrastructuur die van belang is voor de oliewinning.
In een pessimistisch, maar mijns inziens niet onrealistisch, scenario kan binnen 1 a 2 jaar tijd de totale olieproductie in beide laatstgenoemde landen wel eens met ruim 1 miljoen vaten per dag gaan afnemen. In Venezuela met ruim een half miljoen vaten per dag en in Nigeria met ruim een half miljoen vaten per dag.

Zie bijvoorbeeld dit artikel:

For the oil markets, the implications are pretty significant. Venezuela has already lost an estimated 20,000 bpd each month for the past year, according to Reuters estimates. And in September, Venezuela’s output plunged by more than 50,000 bpd compared to a month earlier. Production could fall by an additional 240,000 bpd in 2018, a decline made worse by U.S. sanctions.

But that isn’t even the worst-case scenario. A default could set off a scramble to seize Venezuela’s overseas assets. That could lead to much steeper production declines. One OPEC source told Reuters that they see a potential for production declines on the order of 300,000 to 600,000 bpd next year.

Verder nog een bericht dat allerlei grote oliemaatschappijen wel van plan zijn om komend jaar (2018) flink meer te gaan investeren in het zoeken naar nieuwe oliereserves, maar dat de investeringen in de diepzee oliewinning ook volgend jaar nog op een laag pitje blijven.
Zie bijvoorbeeld dit artikel en dit artikel.

Sommige onafhankelijke analisten gaan ervan uit dat menig grote oliemaatschappij min of meer gedwongen is om snel flink te investeringen in het opsporen van nieuwe olie reserves, omdat hun huidige reserves al noemenswaardig verminderd zijn.
Zie bijvoorbeeld dit artikel:

Oil majors can no longer stay away from building reserves,” Jeffers told Rigzone at the Singapore International Energy Week, adding it is a matter of their standing in the global businesses.

Opportunities are there as daily rig rates are at $50,000 to $60,000, down from the $120,000 peak seen several years ago, according to sources at rig-builders.

Deepwater hydrocarbon production and ultra-deepwater exploration will remain in the ground for a longer while. It is only viable at a sustained barrel price of $60 to $65 and he sees 2018 oil prices range between $52 to $58/bbl.

 

De grote vraag is hoeveel nieuwe reserves (en tegen welke kosten) er de komende jaren nog ontdekt zullen worden. De afgelopen paar jaar is de hoeveelheid aan nieuw ontdekte (economisch winbare) olie reserves flink onder de verwachtingen gebleven, of m.a.w. flink tegengevallen.
Sommige onafhankelijke analisten gaan ervan uit dat er nauwelijks meer economisch rendabele olievelden ontdekt zullen worden of dat het een heel dure en tijdrovende zaak zal worden om nog een noemenswaardige hoeveelheid aan economisch rendabele olie te ontdekken. Afwachten maar weer.

Vergeet niet dat de jaarlijkse afname van de wereldwijde olieproductie in bestaande producerende velden gemiddeld grofweg zo’n 4 a 5 procent bedraagt. Om de wereldwijde olieproductie op peil te houden dient daartoe ieder jaar voldoende nieuwe olie (olie uit nieuwe velden) online te komen om te compenseren voor de terugval van productie in bestaande olievelden. Men kan ook de olieproductie in bestaande velden forceren, maar dan zijn ze des te sneller uitgeput. Bovendien is de verwachting dat de komende jaren de wereldwijde vraag naar olie nog met ruim 1 miljoen vaten per dag op jaarbasis zal gaan toenemen. Ook voor laatstgenoemde dient gecompenseerd te worden door nieuwe olie (olie uit nieuwe velden) wil men aan de wereldwijde vraag naar olie blijven voldoen. Bij krapte aan olie zal in het geval de wereldeconomie door andere factoren nog niet in recessie is beland al snel sprake gaan zijn van vraagvernietiging door snel stijgende olieprijzen. Door krapte aan olie (een gevolg daarvan kan zijn tijdelijk flink hogere olieprijzen) is de kans groot dat de wereldeconomie flink gaat stagneren en hoogstwaarschijnlijk weer in een recessie zal geraken. Mijn vermoeden is dat elektrische auto’s ook over 5 jaar de vraag naar olie nog steeds in flink onvoldoende mate zullen beïnvloeden.

Volgens diverse bronnen (onder andere het IEA) zal naar verwachting de komende jaren uit mijn hoofd de volgende landen het sterkst gaan bijdragen in nieuwe olieproductie:

De Verenigde Staten: volledig op conto van schalie olie (optimisten gaan uit van 3 tot 5 miljoen extra bijdrage binnen nu en vijf jaar => gaat naar mijn idee en ook die van menig ander flink lager uitvallen. Bijvoorbeeld de beste locaties i.v.m. schalie oliewinning, ook wel ‘tier 1’ locaties genoemd, zijn al vrijwel volledig in gebruik gnomen. Om de groei van de Amerikaanse schalie olieproductie verder op te krikken dient men steeds meer gebruik te gaan maken van de beduidend lastigere en minder economisch rendabele ‘tier 2’ locaties).
Brazilië: tot aan het jaar 2020 nog flink wat extra nieuwe olie verwacht (1,5 miljoen vaten aan nieuwe olie, alhoewel de bestaande diepzee olieproductie aldaar wel een flinke afname vertoont. Vanaf of iets na 2020 duidelijke stagnering van nieuwe olie en waarschijnlijk iets na 2020 al definitieve piek in  Braziliaanse olieproductie).
Canada: Tot 2020 nog iets toenemende bijdrage van olie uit teerzanden (paar honderd duizend vaten per dag extra op zijn best).
Kazachstan: Dit land zal mogelijk ook op korte termijn nog noemenswaardig (paar honderd duizend vaten per dag extra op zijn best) nieuwe olie online gaan brengen.

Vanuit de landen in het Midden-Oosten wordt niet een noemenswaardige toename van de olieproductie capaciteit verwacht, ook niet van Irak.
Volgens mij kan Irak de komende tien jaar wat olieproductie betreft nog wel eens voor een verrassing gaan zorgen, namelijk dat de olieproductie aldaar nog met een paar miljoen vaten per dag opgekrikt kan worden. Er dient aldaar dan wel flink meer geïnvesteerd te worden dan nu het geval is. En wanneer het in Irak ook de komende jaren ‘te onrustig’ blijft, wordt het extra lastig om de olieproductie aldaar nog flink te verhogen. De olieproductie capaciteit van Saoedi Arabië en Rusland zal op basis van wat ik zoal gelezen heb niet noemenswaardig meer toenemen.
Voor de overige ‘olieproducerende’ landen wordt de komende jaren grosso modo een lichte tot matige afname van de olieproductie verwacht.

Samengevat komt het erop neer dat de komende jaren de benodigde extra olie vooral uit de VS en in mindere mate ook uit Brazilië zal dienen te komen. Het is echter nog maar de vraag of met name het Amerikaanse schalie oliegebeuren aan de hooggespannen verwachtingen zal gaan voldoen. Volgens de meest recente signalen zal de toename van de Amerikaanse schalie olieproductie de komende jaren wel eens flink kunnen gaan tegenvallen, flink onder de eerdere verwachtingen gaan blijven.
En aangezien ten eerste de wereldwijde hoeveelheid aan bovengronds opgeslagen olie al structureel aan het dalen is (maar voorlopig nog wel flink boven normaal is), ten tweede de wereldwijde reserve aan olieproductie capaciteit amper twee miljoen vaten per dag bedraagt (als de OPEC geen olie productie beperking had ingevoerd was de wereldwijde reserve aan olieproductie capaciteit ruim minder dan 1 miljoen vaten per dag) en ten derde de wereldwijde vraag ieder jaar nog steeds met ruim een miljoen vaten per dag toeneemt, is de komende jaren een flinke stijging van de Amerikaanse schalie olieproductie noodzakelijk om de komende jaren een olieshock te voorkomen.


TOENEMENDE TEGENWIND IN HET AMERIKAANSE SCHALIE OLIEGEBEUREN:

Voor grofweg de komende vijf jaar zal de extra olie vooral dienen te komen vanuit het Amerikaanse schalie oliegebeuren.
Erg optimistische bronnen ginger er tot verkort nog vanuit dat gedurende de periode van 2018 t/m het jaar 2022 de Amerikaanse schalie olieproductie op jaarbasis nog met gemiddeld 1 miljoen vaten per dag opgekrikt kan worden, dus met 5 miljoen vaten per dag op vijf jaar tijd. Wel zal ook volgens de optimistische bronnen de conventionele olieproductie in de VS de komende vijf jaar geleidelijk aan verder afnemen. Dus dat de totale stijging van de Amerikaanse olieproductie over vijf jaar minder dan 5 miljoen vaten per dag zal bedragen.

En nu kom het belangrijkste punt van dit artikel, namelijk dat er recentelijk steeds meer signalen komen dat het flink opkrikken van de Amerikaanse schalie olie productie hoogstwaarschijnlijk veel lastiger en duurder zal worden dan door de optimisten eerder van uitgegaan werd.
Simpel gesteld bestaat het gebruiksklaar maken van een schalie boorput (tight oil boorput) uit 2 stappen, namelijk ten eerste het boren van de put en ten tweede het ‘fracking’ gedeelte. Vooral die tweede stap is lastig en duur.
Er zijn in onderstaande artikelen een boel van redenen aangegeven waarom het verder opkrikken van de Amerikaanse schalie olieproductie gedurende de komende jaren wel eens flink kan gaan tegenvallen, bijvoorbeeld:
=> Leveranciers gaan weer terug meer geld vragen voor hun materiaal en diensten (welke men levert aan de schalie olieproducenten) om zelf financieel het hoofd boven water te kunnen houden.
=> De toestroom van nieuw investeringsgeld in het schalie oliegebeuren zal waarschijnlijk flink gaan verminderen, omdat de focus niet op ligt bij het opkrikken van de schalie olieproductie (waarbij financiële verliezen een ondergeschikte rol spelen), maar veel meer op het beperken van financiële verliezen (en dus minder op het opkrikken van de productie). Dus dat CEO’s van bedrijven in de schalie oliewinning niet meer beloond worden door de mate waarin ze hun productie weten op te krikken, maar door de financiële verliezen op zijn minst zo beperkt mogelijk te houden.
=> Er zijn flink wat dure middelen benodigd om al die olieputten te boren en te fracken. Er zal de komende jaren flink wat verouderd materiaal vervangen dienen te worden. So wie so is volgens onderstaande artikelen de vervangingsratio van bestaand materiaal in het schalie oliegebeuren vrij hoog, omdat het schalie oliegebeuren een intensief gebeuren is waardoor het gebruikte materiaal sneller slijt.
=> Een hele belangrijke: De zogenaamde ‘tier 1’ locaties zijn al in gebruik genomen en men dient steeds meer gebruik te gaan maken van de flink minder rendabele ‘tier 2’ locaties. De tier 1 locaties bevatten de meest rendabele locaties met schalie olie, waaronder de zogenaamde ‘sweetspots’.
=> Tekorten aan geschikt personeel, vooral bij het fracking gedeelte. Als men de Amerikaanse schalie olieproductie de komende jaren nog flink wil verhogen, zal het tekort aan geschikt personeel alleen maar verder toenemen.


Artikelen met m.i. relevante informatie:

1)
Onderstaande quote is afkomstig uit artikel op seeking alpha (inschrijving noodzakelijk om gehele artikel te kunnen lezen). Vrij vertaald beginnen de zogenaamde tier 1 locaties in het Amerikaanse schalie oliegebeuren uitgeput te raken en dient men om de schalie olieproductie aldaar te verhogen op uitgebreidere schaal over te stappen naar de duurder en lastigere tier 2 locaties:

Klik hier voor eerste artikel.

Een quote uit: Schlumberger’s (SLB) CEO Paal Kibsgaard on Q3 2017 Results – Earnings Call Transcript

Brent crude which is now in backwardation is seeing faster inventory draws and stocks are already approaching the five year average. In North America land where the E&P companies have added significant CapEx over the past year, the production growth is so far falling short of expectations, driven by supply chain inflation, operational inefficiencies and the need to step out from the Tier 1 acreage. This has led to a moderating investment appetite where the previous pursue to production growth is now being balanced out with an equal focus on generated solid financial returns and operating within cash flow.
This moderation can be seen in the flattening trend of the U.S. land rig count during the third quarter and it is also reflected in our customers’ 2018 activity outlook. The more tempered activity outlook for U.S. land combined with the short cycle nature of the business has an immediate impact on the outlook for production growth, which for 2017 and 2018 has been revised down by 100,000 and 500,000 barrels per day respectively. This clearly has a material impacts on the global supply and demand balance.

2)
Klik hier voor tweede artikel.

The CEO of Encana told a group in New York last week that in recent months there has been a change in the philosophy behind the US shale oil industry. Since shale oil production started some ten years ago, the focus of the industry and the people managing it has been growth at any cost. During these years the profitability of shale oil extraction was a minor issue as investors were dazzled by the amounts of oil being produced and were willing to fund still more growth despite the lack of profits. Managers and industry workers were well paid for their spectacular results so that only investors were left holding the bag. This situation is unsustainable in the long run. Unless there is a substantial increase in oil prices in the next few years, the shale oil industry is unlikely to be able to attract large amounts of capital on hype and deceptive numbers.

There may already be early signs of change in the industry. The number of active rigs has been dropping since early August and complaints from shareholders who have seen mostly losses on their investments and loans are beginning to rise. The change in approach to shale oil production could be a major factor as to whether US oil production will continue to grow in the coming year or whether we might be seeing another peak in shale oil production, albeit a temporary one.

3)
Klik hier voor derde artikel.

The fact is that U.S. shale producers cannot control their output, as it is determined by the capacity, capital availability, and labor market constraints of the oil service industry. These constraints will persist deep into 2018 as fracking horsepower demand exceeds supply by 2 to 4 million hydraulic horsepower, and as companies lack capital to replace & add capacity to quickly remedy the imbalance. The end result is a limited pace of well completions, and another year of disappointing shale growth in 2018.

en

As of the latest EIA Petroleum Supply Monthly with data for July 2017, U.S. production has grown by 467,000 bpd for the first 7 months of the year. This would annualize to 800,000 bpd, far below consensus expectations of 1 – 1.2 million bpd from earlier this year. Most of this growth, however, is from earlier in the year, and production was essentially flat from March-June.

Most importantly, however, is that Texas & New Mexico production has disappointing. These two states are home to the Permian & Eagle Ford, the two growth engines of U.S. shale

4)
Klik hier voor vierde artikel.

Equipment and labor shortages are holding back growth

In addition to the growing number of technical issues, the rapid ramp-up in drilling activities this year seemed to hit the ceiling last quarter, which, according to reservoir optimization specialist Core Labs (NYSE:CLB), was the result of a transitory shortage in labor and well-completion equipment. Core expects these issues to persist through the end of the year and to cause the country’s inventory of drilled uncompleted wells to increase, because companies haven’t been able to keep pace with drilling.

en

One of the pressures holding down the price of oil over the past year has been the rapid improvement in shale drilling from efficiency gains and innovation. But the pace of change seems to be slowing, given the rise in technical issues the industry has encountered this year. Add to that the likelihood of higher costs as service providers try to rebuild their profitability, and it’s looking less likely that shale can keep growing at a breakneck pace.

5)
Klik hier voor vijfde artikel. Een m.i. goed artikel uit de hand van Jilles van den Beukel over vrij vertaald de toenemende tegenwind in het Amerikaanse schalie oliegebeuren.

Since 2014 investments in conventional oil have been significantly reduced. Yearly decline rates of existing fields have increased and a smaller number of new developments have been sanctioned. It will take until 2020 before the effects of this will be felt in full. If oil demand continues to increase at its current rate we should at some stage reach a point where a further decrease (or sluggish growth) in conventional oil and a reduced growth potential of US shale oil results in an upward pressure on prices. Many analysts expect this point to be reached in the early 2020s.

en

Together with the oil price it is the interplay between financial, technical and geological limits that will eventually determine this.

en

Although it must be acknowledged that future technological progress creates large uncertainty, the prospect of US tight oil production leveling off in the early 2020s has become a likely scenario (see also the figure below). By that time, the ability of US shale to rapidly grow and provide a ceiling on oil prices is likely to have been significantly diminished.

6)
Klik hier voor zesde artikel. Naar mijn idee een aanrader! Over een perfecte storm in verband met de olievoorziening gedurende de komende jaren.

“Perfect storm” is a terrible way to start a title. It sounds cliche, unoriginal, and attention grabbing, but that’s exactly what we believe will happen – the perfect storm is coming.

The foundation for why we believe oil prices will rise higher are based on the following theories:

=> Overconfidence in the U.S. shale industry, which leads to capital expenditures being diverted from supplies that would have guaranteed more stable long-term supplies to short-cycle supplies;

=> Lack of capital investments in global oil supplies, resulting in faster decline rates;

=> Years of low oil prices fueled demand spikes that will be inelastic to oil price rises in the future;

=> The fall in the U.S. dollar is a natural boost to global demand; and

=> High storage leading to complacency on geopolitical risks boiling in the Middle East.

Slot opmerking:
Naar mijn bescheiden mening is door de minder optimistische berichtgeving over het gemak waarmee de Amerikaanse olieproductie verder opgekrikt kan worden, de kans dat een flinke olieshock al voor het jaar 2020 gaat plaatsvinden flink toegenomen. Rond of iets na het jaar 2020 zal naar mijn bescheiden mening er een behoorlijk heftige olieshock gaan plaatsvinden die niet van korte duur zal zijn.

Geplaatst in Uncategorized | 4 reacties

Recente berichtgeving over naderende olieshock

Het is niet alleen in piekolie kringen maar ook in de overige media dat nu al gewaarschuwd wordt voor een aanbodtekort aan olie rond of iets na het jaar 2020. Enkele bronnen gaan er zelfs vanuit dat al voor het jaar 2020 er een grote kans is op een serieus aanbodtekort aan olie.
Wat nu wel al zeker is dat ook in het jaar 2017 er te weinig nieuwe projecten een “go” hebben gekregen, een FID hebben gekregen. Of met andere woorden dat er ook in het jaar 2017 onvoldoende nieuwe olieprojecten bekrachtigd zijn om over enkele jaren nog te kunnen voldoen aan de tegen ‘die tijd’ verwachtte vraag naar olie. Het zou me niet verbazen dat ook komend jaar (2018) er te weinig geïnvesteerd zal worden in nieuwe olieprojecten om over enkele jaren het wereldwijde aanbod aan olie nog op peil te kunnen houden, omdat volgens diverse bronnen in het jaar 2018 het olieaanbod nog ruimschoots voldoende zal zijn om aan de wereldwijde vraag te voldoen. Als ook in het jaar 2018 er weer te weinig geïnvesteerd wordt in nieuwe olieprojecten, kan men mijns inziens ronduit spreken van een perfecte storm in verband met een flinke olieshock die mogelijk al vanaf het jaar 2020 zal gaan toeslaan.

Enkele artikelen [dat zijn ‘zeg maar’ de (relatief) optimistische artikelen] gaan uit van een slechts tijdelijk aanbodtekort aan olie.
[…bijvoorbeeld volgens een artikel op de site van mckinseyenergyinsights wordt een tijdelijk olieaanbod tekort verwacht gedurende de periode van 2022 t/m 2024. Gedurende die periode zullen volgens dat artikel de olieprijzen meer dan noemenswaardig hoger zijn dan nu het geval is. Dat de investeringen in de winning van olie de komende jaren weer flink zullen gaan toenemen met als gevolg dat na grofweg het jaar 2024 de wereldwijde olieproductie, na een tijdelijke aanbodtekort, weer terug in balans zal geraken. Of dat in balans geraken volgens hun door een verhoogd aanbod van olie zal komen of bijvoorbeeld door minder olieverbruik door sterke toename elektrische auto’s, daar laten ze zich niet over uit …]

Andere bronnen zijn somberder, bijvoorbeeld dat er onvoldoende koopkracht aanwezig is om de olieprijzen voor langere tijd op een flink hoger niveau te krijgen dan nu het geval is, waardoor er ook in de toekomst te weinig geïnvesteerd zal worden om de wereldwijde olievoorziening op peil te kunnen houden.

Weer andere bronnen zijn ronduit pessimistisch en gaan ervan uit dat ook onder een regime met flink hogere toekomstige investeringen de wereldwijde olieproductie niet meer op peil gehouden kan worden. Dat onder andere het laaghangend fruit al te veel opgebruikt is.

Ik ga er vanuit dat de optimisten veel te optimistisch zijn en er over enkele jaren al sprake zal zijn van structurele tekorten aan olie. Een mogelijk scenario is dat de aanbodtekorten aan olie flink gaan bijdragen aan het ontstaan van een nieuwe diepe recessie, waardoor de vraag naar olie flink afneemt en er mede daardoor tegen die tijd er bijvoorbeeld nog minder geïnvesteerd wordt in nieuwe olieproductie dan de afgelopen jaren het geval was. Soort van vicieuze cirkel.

Wat verder opvalt is dat recentelijk de verwachtingen ten aanzien van de Amerikaanse schalie olieproductie somberder zijn geworden, namelijk dat ook bij noemenswaardig hogere olieprijzen de productie stijging gemiddeld minder hoog gaat uitvallen dan eerder nog vanuit gegaan werd. Dat allerlei kosten in het schalie oliegebeuren weer een stijgende lijn vertonen. Dat er bijvoorbeeld bij steeds meer analisten de indruk is ontstaan dat er nu al te weinig sweetspots in het Amerikaanse schalie oliegebeuren resteren [die nog niet in gebruik genomen zijn] om op ‘economisch gezonde’ wijze een flinke stijging in de olieproductie aldaar te realiseren.
Bijvoorbeeld ‘ex cia-er Tom whipple schreef in zijn meest recente artikel het volgende:

The evidence is starting to accumulate that the rapid increases that shale oil drillers have made in increasing their productivity are coming to an end. Use of new techniques such as drilling multiple wells off a single pad; longer horizontal runs; more fracking stages; and increasing the amount of sand used to fracture new wells has been very successful in increasing initial per-well production in the last three or four years. Now that these techniques have become the norm, productivity per 1000 feet of fracked well has flattened out. Drillers are running out of sweet spots, and future wells are likely to be less productive.

Over het Amerikaanse schalie oliegebeuren wordt binnenkort een nieuw artikel geschreven, omdat er steeds meer signalen verschijnen dat het Amerikaanse schalie oliegebeuren steeds meer tegenwind aan het ondervinden is.

Hieronder een (willekeurige, slordige) greep uit de berichten:

1)
https://www.livewiremarkets.com/wires/the-looming-oil-shortage

Dat (vrij vertaald) na het geven van het groene licht voor de ontwikkeling van een nieuw project, het gemiddeld op zijn minst 3 jaar en meer waarschijnlijk zelfs vijf jaar duurt eer de eerste olie uit het (nieuwe) te ontwikkelen project beschikbaar komt voor de markt. Dat er in het jaar 2018 nog genoeg nieuwe olie uit voor het jaar 2015 (t/m het jaar 2014) in ontwikkeling genomen projecten zal stromen, maar dat vanaf het jaar 2019 of 2020 het gebrek aan investeringen gedurende de afgelopen paar jaar voor flinke tekorten gaat zorgen. Dat bijvoorbeeld volgens de Noorse bank ‘Pareto’ er in het jaar 2020 er op jaarbasis al sprake zal zijn van een aanbod tekort van 7 miljoen vaten per dag [wat me persoonlijk wel een heel erg groot tekort lijkt] en dat het olie aanbodtekort vanaf dan alleen maar verder zal toenemen:

“The mistake made was underestimating the time lag between price signals and the impact on supply. It is at least three and more likely five years between an investor making a final investment decision (FID) and an oil project producing oil. Premier Oil (LSE:PMO), a UK oil producer once owned by the International Fund, is expected to bring its large Catcher project on stream later this year. The oil was discovered in 2010, the project was approved back in December 2013 and will finally add 60,000 barrels of oil a day to global production by the middle of 2018.

US shale oil has proven adept at responding to price signals within months, but for the remaining 90% of global supply, adjustments take time.

This lagged response works both ways, of course. The number of FIDs in the past three years has been lower than at any point since the 1940s. Among the oil majors, the rate at which they are replacing the reserves that they are extracting has fallen to 20%. There are still enough projects coming on stream to meet 2018 demand, but in 2019, 2020 and beyond, the lack of investment over the past few years is going to cause a serious shortage of supply.

Norwegian bank Pareto estimates an annual shortfall of 7 million barrels per day by 2020, a gap that it expects to widen from there”.

2)
http://www.businessinsider.com/international-energy-agency-says-oil-prices-could-skyrocket-by-2020-2017-9?international=true&r=US&IR=T

Atkinson warned that the market’s spare capacity—largely concentrated in Saudi Arabia—will dwindle as demand keeps rising at a time when supply remains stagnant. The market will tighten and OPEC will have to abandon its production limits in order to satisfy demand. After that, rising consumption could whittle away at the latent surplus capacity. At that point, the market will hit a supply crunch, which would likely result in higher volatility and higher prices.

Just like 10 years ago, spare capacity currently stands at about 2 mb/d. That certainly isn’t the lowest it has ever been, but it’s a relatively small cushion to fall back on in the event of a surprise outage, for example. That volume of spare capacity narrowed in the mid-2000s as the rise of China meant explosive levels of demand growth. When spare capacity fell to about 1 mb/d in 2008, the world saw a historic run up in prices.

The one difference between the mid-2000s and today, however, is that the market is sitting on near record levels of oil in storage, which will act as a sort of second form of spare capacity. It could take a few years to draw down those stockpiles.

3)
http://weatherbyenergy.com/woodmac-forecasts-stable-non-opec-decline-rates-through-2020/

Beyond 2020, WoodMac expects decline rates will return to the historical norm of about 6%, and higher oil prices will be needed to incentivize investment in new production to meet a widening supply gap. Even moderate swings in average annual decline rates can influence the market, as the rate of decline for non-OPEC fields is crucial to the global supply picture. A 1% shift in annual global decline rates could potentially add or remove 2 million b/d by 2021.

With investment so low, the industry is potentially storing up problems for supply that won’t become apparent until after the end of the decade,” Gibson added.

4)
http://peak-oil.org/peak-oil-review-25-sep-2017/

A new study by Wood Mackenzie and another by a retired oil industry analyst cast serious doubts that US can reach the future production levels estimated by the EIA and others in the industry. These studies are saying that growth in shale oil production could come to an end in three or four years with the Permian peaking at about 3.5 million b/d unless there are all sorts of technological breakthroughs in drilling for oil.

Future shale oil production depends on oil prices and the number of active rigs. In recent months, the rig count has been dropping again; however, moving rigs in and out of service in normally delayed by several months after price changes. Given the recent price increases, the count could be moving up again this fall.

Combining the peaking of US shale oil growth with the effects of low investment during the last few years, we could easily be seeing a price spike worse than in 2008 in the next 3-5 years.

5)
https://oilprice.com/Latest-Energy-News/World-News/Schlumberger-Warns-Of-Moderating-Investment-In-North-America.html

Schlumberger (NYSE:SLB) reported on Friday a higher net profit for the third quarter, driven by North America’s onshore—but the world’s largest oilfield services group now warns that investment appetite in North America is moderating as drillers focus on financial returns instead of volume.

But the oilfield services giant cautioned about the North American activity in the coming quarters, with Chairman and CEO Paal Kibsgaard saying that “the investment appetite in North America land now seems to be moderating, driven by a growing focus from E&P companies on financial return and the need to operate within cash flow rather than the pursuit of production growth.”

6)
https://www.mckinseyenergyinsights.com/insights/decline-in-projects-reaching-fid/

While global FID numbers are showing signs of recovery in 2017, it is the smaller projects, which require less capital, that are being brought onstream. We assume that spending cuts will result in 50-60% lower volumes coming online from new projects in the next 3-5 years, compared to the 2010-14 average.

Consequently, we expect that lower volumes coming online will contribute to market tightening in the next 2-3 years. Production from new projects that reached FID after 2014 is not enough totackle the supply gap. In fact, in filling this gap, over 60% of new non-OPEC production will come from projects that reached FID before 2014.

Under our base case scenario, crude prices may, therefore, escalate to around USD70/bbl between 2022 and 2024, after which further rebalancing would bring them down to the USD60-65/bbl range in the longer term.

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

Hoe de rijken rijker worden – het ‘belang’ van geld in de wereldeconomie

Als in de media ‘op onafhankelijke wijze’ wat meer aandacht besteed zou worden aan ‘dit soort onderwerpen’, zou het nog eens over ‘echte dingen gaan’ die mensen aangaan.

Video gaat vrij vertaald over het casino kapitalisme, waarbinnen mijns inziens de totaal uit zijn jasje gegroeide financiële industrie voor een erg groot deel de spelregels bepaalt en naar eigen inzicht (ten behoeve van eigen belang) aanpast om bijvoorbeeld met behulp van speculatieve investeringen zichzelf zoveel mogelijk te verrijken, geld uit geld te maken, bijvoorbeeld door het afromen van geld van vaak relatief arme derden. Het geld dat in de ‘financiële industrie’ wordt ‘verdient’, wordt bijvoorbeeld gebruikt om enorm grote en luxe kantoorpanden te bouwen, waarvan een boel kamers onbenut blijven.
In een wereld met grenzen aan de groei wordt mijns inziens heel wat middelen verspild aan dingen of diensten waarvan de meerderheid meer last dan plezier ondervind, maar meer hierover later. 🙂

Even los van bovengenoemde is ‘het opvallend’ dat ondanks de al geruime tijd gemiddeld erg lage rente stand [en daarbovenop ook nog eens kwantitatieve verruiming in menig grote economie] de wereldeconomie al geruime tijd een relatief erg lage economische groei vertoond. Steeds meer schulden voor steeds minder economische groei.
En dat de relatief geringe economische groei [of misschien kan men heden ten dage beter spreken over oneconomische groei] vooral ten goede komt aan het rijkste deel van de wereldsamenleving…zonder dat het armere deel er maar iets aan heeft.

In een wereld met grenzen aan de groei is ‘stellig uitgedrukt’ een geheel ander financieel economisch stelsel, een wezenlijke andere kijk op het economische gebeuren ‘een must’ om voor toekomstige generaties een nog enigszins leefbare wereld achter te laten.
Een positief gebeuren voor mij is (althans die indruk heb ik) dat er geleidelijk aan steeds meer economen vanuit een meer ecologisch perspectief naar het economisch gebeuren gaan kijken. Dergelijke economen worden ook wel eens ‘ecologie economen‘ genoemd. Mijn indruk is dat ecologie economen een veel meer realistische kijk hebben op wat goed is voor de mensheid, dat ecologie economen ook een veel socialere, een veel bredere, meer holistische kijk op het economisch gebeuren hebben dan economen die uitgaan van het economisch groeimodel, het economische groeimodel binnen ons op schuld gebaseerd (en van economische groei afhankelijk financieel economisch stelsel) als uitgangspunt nemen.
Naar mijn bescheiden mening is de hedendaagse politiek heel erg vervallen tot het dienen van het economisch groeimodel, waarin marktdenken en participatie (lees: zelfredzaamheid) centraal staan.
Een model waarin grenzen aan de groei en een ecologische kijk op het economische gebeuren zacht uitgedrukt ‘not done’ zijn. Een hedendaagse politiek die m.i. vooral geleid wordt door marktdenken en kortzichtig pragmatisme om de status quo in stand te houden. Soort van markt ideologie hanteren, alhoewel men dat nooit op deze manier zal willen benoemen.

Dat socialisme veel beter kan gedijen wanneer er in een samenleving veel meer ecologisch besef aanwezig zou zijn, soort van ‘ecologisch socialisme, dat is heel wat anders dan datgene waar sommigen socialisme mee willen associëren. Dat een samenleving daardoor minder materialistisch wordt, meer gericht raakt op echte benodigdheden (en flink minder verspilling) en welzijn veel minder gaat afhangen van het kunnen beschikken over een goed betaalde baan, de sociale status die ermee samenhangt, het hebben van boel van bezittingen of vermogen enzovoorts. Dat waardering ook op heel veel andere manieren ingevuld kan worden, maar laatstgenoemde hangt m.i. o.a. erg sterk af van de visie van iemand, hoe men tegen dingen en de wereld in het algemeen aankijkt. Een wereld waarin echte armoede veel minder voorkomt, maar ook veel minder materiële rijkdom en dus ook veel minder verspilling aan energie en grondstoffen om al die in mijn ogen vaak extreme rijkdom in stand te houden, te onderhouden.

Bijvoorbeeld in dit blogartikel is een deel van mijn visie neergeschreven i.v.m. minder spullen in een wereld met grenzen aan de groei. Of bijvoorbeeld in onderstaande video wordt door een professor een andere visie op het sociaal economisch gebeuren gegeven:

Naar mijn opvatting wordt heden ten dage op krampachtig wijze getracht ons op schuld gebaseerde, van werkelijke economische groei afhankelijk financieel economisch stelsel van instorten te behoeden, of m.a.w. in feite getracht de status quo zo lang mogelijk in stand te houden. Ondanks de in hoog tempo toegenomen schuldenberg blijft de wereldwijde economische groei relatief erg beperkt.
De rest van het commentaar zal vooral gaan over de m.i. enorme schaduwzijden die samenhangen met het gehanteerde economische groeimodel waarin op een heel erg materialistische wijze invulling gegeven wordt aan welzijn [lees: waarin men tracht het ‘welzijn’ van vooral het rijke deel van de wereld zo lang en zoveel te waarborgen ten koste van meer duurzaam welzijn voor de wereld als geheel].
Bijvoorbeeld dat vanuit een grenzen aan de groei perspectief een boel van hoog betaalde arbeid (werk) het geheel veel meer kwaad doet dan goed. In een wereld met grenzen aan de groei is het m.i. veel beter dat focus komt te liggen op een flink minder breed scala aan spullen die veel langer meegaan, ook bijvoorbeeld minder grote huizen en kantoorpanden, en dat een heleboel diensten die alleen maar nut hebben in een wereld waarin het casino kapitalisme de normaal is geworden niet meer noodzakelijk zijn. Arbeid om de arbeid lijkt me dode weg, zeker in een wereld waarin steeds meer geautomatiseerd en gerobotiseerd wordt, veel arbeid eerder overtollig of zelfs een averechtse uitwerking heeft voor de wereld als geheel. Maar ja, er dient m.i. eerst op grote schaal een flinke crisis plaats te vinden eer een voldoende deel van een samenleving open gaat staan voor een wezenlijk ander stelsel…en dan zijn de gevolgen misschien te ernstig om op grotere schaal op nieuwe wijze zaken vorm te gaan geven, (sterk uitgedrukt: te laat voor een nieuwe wereld). Met technologie alleen gaan we het m.i. niet redden.

Meer commentaar volgt later…misschien. 🙂

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

Rystad Energy: Toename jaarlijkse daling olieproductie in ‘volwassen’ olievelden

u

Onderstaande is m.i. weer een signaal dat een flinke olieshock zeer nabij is…

1)
Volgens een recent bericht op Rystad Energy is de productie daling in ‘oude producerende olievelden’ op jaarbasis toegenomen van 5% in het jaar 2014 naar (een verwachte) 8% in het jaar 2017:

In absolute zin komt dat volgens Rystad neer op een extra? olieproductie daling van 1 miljoen vaten per dag in het jaar 2017 (t.o.v. het jaar 2014?):

“Old offshore fields are now declining faster, and as a consequence, one million barrels of oil have been removed from production balances.

Bovenvermelde berekening (schatting) is gebaseerd op olievelden welke in het jaar 2014 al op jaarbasis een (olie)productie daling vertoonden. Dus als de olieproductie in een bepaald olieveld in het jaar 2014 nog een productiestijging vertoonde, werd dat olieveld niet meegenomen in de berekening.
Ook zijn relevante olievelden in het Midden Oosten, Libië en Nigeria niet meegenomen in de berekeningen.
Maar ondanks laatstgenoemde gaat het nog steeds om een grote groep aan ‘oude’ olievelden welke een groot deel van de jaarlijkse wereldwijde olieproductie levert.

De belangrijkste oorzaak van de hierboven vermelde toenemende olieproductie daling is volgens Rystad de sinds het jaar 2014 flink afgenomen investeringen in het op peil houden van de olieproductie in bestaande producerende ‘oude olievelden’. Het aantal actieve boorinstallaties in laatstgenoemde olievelden is sinds het jaar 2014 met 50% afgenomen, waardoor de jaarlijkse daling niet alleen in relatieve zin maar ook in absolute zin (namelijk met ongeveer 1 miljoen vaten per dag) is toegenomen, aldus Rystad:

However, the drop in oil and gas spending has had a material impact on the production decline for maturing oil fields, where the drilling of new wells has dropped by 50%, according to data from Rystad Energy.

Wereldwijde olieproductie nog steeds niet aan het dalen:
Volgens onderstaande grafiek afkomstig uit het (Rystad) artikel is ondanks de toenemende daling van de olieproductie in bestaande oude olievelden sinds het jaar 2014 de wereldwijde ‘all liquids’ productie (ruwe olie, condensaten, ‘natural gas liquids (NGL’s)’…) nog steeds niet aan het dalen, sterker nog, zelfs nog een klein beetje toegenomen (zie daartoe groene lijn in onderstaande grafiek):

De oorzaak waarom de totale wereldwijde olieproductie nog steeds niet aan het dalen is, is volgens Rystad te danken aan de relatief flinke hoeveelheid aan olieprojecten die tot het jaar 2014 waren bekrachtigd en pas nu en de komen jaren nog online komen [voor het eerst beginnen bij te dragen aan de wereldwijde olieproductie].

While the trend in spending for oil and gas companies since the crash in oil prices has been a steep decline, production has remained relatively stable since 2015. (Figure 1) This might lead to the conclusion that companies have found ways to remain just as productive in the new price environment, but detailed analysis reveals that the production plateau is largely thanks to projects approved during pre-2014 prices coming online.

Zie onderstaand plaatje voor de totale investeringen (gele kolommen) in de olie en gas industrie gedurende de afgelopen jaren (inclusief schatting voor het jaar 2017):

2)
Het aantal ‘nieuwe olieprojecten in de pijplijn’ zal komende jaren flink afnemen
Het is op basis van wat ik gelezen heb nu al ‘vrijwel’ zeker dat binnen nu en een paar jaar de hoeveelheid ‘nieuwe olie’ die op jaarbasis online gaat komen flink gaat verminderen. Of met andere woorden dat de hoeveelheid aan olieprojecten in de pijplijn de komende jaren flink zal gaan afnemen.
Of dat nu al volgend jaar is over twee of drie jaar is nog even afwachten.
Zeker in het geval de wereldwijde vraag naar olie de komende jaren net zo hard gaat toenemen als in 2017 naar verwachting het geval gaat zijn, is een flink aanbod tekort aan olie binnen nu en enkele jaren onvermijdelijk.
Hoe één en ander gaat uitpakken is natuurlijk koffiedik kijken, misschien dat we de komende jaren mede door bovengrondse redenen in een flinke recessie geraken, waardoor de vraag naar olie flink stagneert of zelfs gaat dalen. Dat er bijvoorbeeld onvoldoende koopkracht aanwezig is om de investeringen in de oliewinning op peil te houden. Als laatstgenoemde het geval gaat zijn, dan zit de wereld m.i. in een geheel nieuw vaarwater waarbij een vicieuze cirkel kan ontstaan van een toenemend olietekort en een te geringe koopkracht om dure olieprijzen te ondersteunen om de toekomstige investeringen in toekomstige olieproductie nog enigszins op peil te houden waardoor afname wereldwijde olieproductie wordt versneld. Ik ben niet zo optimistisch over dat alternatieven voor olie tijdig zodanig opgekrikt kunnen worden (in hoeverre dat opkrikken überhaupt al mogelijk is) om een flink negatief effect op de wereldwijde economie te voorkomen.

3)
In hoeverre kan de Amerikaanse schalie olie productie nog voor uitstel van executie zorgen
Wat me opvalt is dat een groot deel van de bronnen die ik zoal lees het in grote lijnen eens zijn dat de mate waarin de Amerikaanse schalie olie productie de komende jaren verhoogd kan worden cruciaal is voor het moment waarop er wereldwijd een olieshock zal gaan optreden (nadat buffer van bovengrondse olievoorraden en wereldwijde reserve productie capaciteit respectievelijk is verbruikt of aangesproken).
Volgens de ene bron zal vanwege redenen [o.a. te weinig koopkracht om voor het opkrikken van schalie olieproductie de noodzakelijke dure olieprijzen te ondersteunen] de Amerikaanse olieproductie de komende jaren met hooguit 1 miljoen vaten per dag verhoogd worden, welke volgens vrijwel alle analisten veel te weinig is om de komende jaren (op betaalbare wijze) aan de wereldwijde vraag aan olie te blijven voldoen, waardoor al rond het jaar 2020 of mogelijk nog eerder al een flinke olieshock (krapte aan olie) kan gaan plaatsvinden. Zie bijvoorbeeld onderstaande quote uit een recent artikel van ‘ex-cia-er’ Tom Whipple:

Outside analysts expect that production of tight oil from the Permian will continue to grow slowly for the next few years, possibly by as much as 700,000-800,000 b/d but will level out in the early 2020s and will never be enough to offset forecast of future global demand.

In het hierboven aangehaalde artikel suggereert de auteur dat door sommige bronnen doelbewust het Amerikaanse schalie oliegebeuren super positief in het daglicht wordt gebracht [bijvoorbeeld door de waarde van allerlei bedrijven die actief zijn in de winning van schalie olie bij investeerders op Wallstreet zo hoog mogelijk in te schatten], of m.a.w. dat er als het ware een hype rondom het gehele schalie oliegebeuren gecreëerd wordt:

Estimates of 60 to 70 billion barrels, even after much study, seems way out of line with most thinking outside of those trying to hype the potential of their companies to Wall Street investors. When the EIA last commented on the reserves in the Permian in 2015, it said the reserves were on the order of 5 billion barrels. A recent study of the SEC filings by the major producers of Permian oil came up with reserves of 3.7 billion.

Volgens een andere bron (Rystad) zal de komende jaren de Amerikaanse olieproductie onder gunstige voorwaarden nog met grofweg 5 miljoen vaten per dag verhoogd kunnen worden, waardoor een flinke olieshock (krapte aan olie) pas rond het jaar 2022 zal gaan plaatsvinden.
Rystad is in vergelijking met andere bronnen erg optimistisch over wat betreft het ophogen van de Amerikaanse schalie olieproductie gedurende de komende jaren. Over 5 jaar, zo rond het jaar 2022, zal volgens onderstaande quote van Rystad er pas een flinke krapte op de wereldwijde oliemarkt gaan ontstaan:

“We expect US oil production will continue to ramp-up towards its full potential of 15 million barrels within the next five years, and then we would again see quite a dramatic tightening of the oil market,” says Nadia Wiggen Martin, Vice President of Markets at Rystad Energy.

Terzijde: Bijvoorbeeld het IEA is wat betreft de Amerikaanse schalie olieproductie een stuk somberder dan Rystad Energy. Mijn speculatieve inschatting is dat de waarheid ergens in het midden zal liggen en de Amerikaanse schalie olieproductie de komende jaren met hooguit 3 miljoen vaten per dag verhoogd kan worden, en dat is misschien nog veel te optimistisch.

Samenvattende mening mijnerzijds:
Naar mijn bescheiden mening is het niet meer zozeer de vraag of er binnen tien jaar al een flinke olieshock gaat plaatsvinden, maar meer wanneer deze binnen nu en tien jaar zal gaan plaatsvinden. Bijvoorbeeld al in het jaar 2019 of pas in het jaar 2022 of 2023?
Welk effect een dergelijke olieshock op de olieprijzen zal gaan hebben is koffiedik kijken. Misschien is er onvoldoende koopkracht aanwezig, onvoldoende economische veerkracht aanwezig om flinke duurdere olieprijzen te ondersteunen. Dat piekolie binnen enkele jaren al een feit kan zijn (alhoewel pas na meerdere jaren dat met zekerheid gezegd kan worden). We zitten nu op een soort van plateau wat betreft de totale wereldwijde olieproductie.

Geplaatst in Uncategorized | 4 reacties

Documentaire over ufo’s boven kernraket installaties

Een recente documentaire over ufo’s boven kernraket installaties.
Afgezien van de ietwat ‘dubieuze’ titel is de video naar mij idee de moeite van het bekijken meer dan waard.

Een populair aspect binnen het ufo gebeuren zijn ufo waarnemingen boven kernraket installaties.
Na ‘invoering’ van The (US) Freedom of Information Act kwam er in de jaren 70 van de vorige eeuw allerlei ‘vrijgegeven documenten’ ter beschikking waarin gerept werd over ufo’s boven kernraket installaties. Ondanks dat in bepaalde kringen (zie daartoe video) fervent getracht werd ‘de informatie’ voor het grote publiek geheim te houden (en het fenomeen belachelijk en ongeloofwaardig te maken), kwam er toch allerlei informatie boven water drijven welke m.i. sterk ‘suggereert’ dat er toch wel een en ander aan het handje was i.v.m. ufo’s.
Meer recentelijk durven ‘directe getuigen’ nu openlijk te praten over hun waarnemingen, (inclusief radar waarnemingen), ondanks dat hun toentertijd ‘zacht uitgedrukt’ op het hart gedrukt werd niet met derden over de ufo waarnemingen te praten.
Het is natuurlijk geen hard bewijs, maar voor mij wel aannemelijk.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Piek mijnbouw en elektrische auto’s

Op deze blog is enkele jaren geleden in dit artikel al eens stilgestaan bij ‘piek mijnbouw’.
De toendertijd getoonde video over piekmijnbouw is naar mijn idee nog steeds relevant:

Hieronder twee voor mij relevante plaatjes uit de video:

Eerste plaatje:
Cru gesteld suggereert de afbeelding het door een piek mijnbouw veroorzaakt einde van het industriele tijdperk, het einde van het materialisme welke met name binnen een kapitalistisch regiem met flinke nadruk op consumptie flink gestalte heeft gekregen…

Tweede plaatje:
Een moreel dilemma.
Wanneer er flinke tekorten gaan ontstaan aan allerlei op grote schaal benodigde elementen, dringt de vraag zich op waaraan die elementen besteed dienen te worden, of m.a.w. waar de prioriteit komt te liggen in de toepassing van schaarse elementen.
Worden ze (mede) gebruikt voor de vervaardiging van luxe producten voor de rijken der aarde of ligt de prioriteit bij het vervaardigen van minder luxe maar wel ‘betaalbare’ levensnoodzakelijke producten waar vooral armere mensen wat aan hebben…?

Elektrische auto’s
Hieronder aandacht voor een artikel waarin wat meer de diepte ingegaan wordt in verband met de haalbaarheid en milieuvriendelijkheid van het op grote schaal fabriceren van elektrische auto’s.
In het artikel wordt een kritische blik geworpen op de haalbaarheid en milieuvriendelijkheid van alle benodigdheden (randvoorwaarden) om op grote schaal elektrische auto’s te kunnen produceren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan al de benodigde ‘batterij fabrieken’ en de benodigde grondstoffen die nodig zijn om de batterijen te fabriceren.

Wat ik uit het artikel proef (klik hier voor artikel) is dat de auteur niet zozeer tegen elektrische voertuigen is, maar (gezien vanuit de gehele productie keten) wel nog al wat haken en ogen ziet aan het op grote schaal fabriceren van elektrische auto’s. Hij houdt daarbij o.a. rekening met flinke technische verbeteringen in de toekomst, maar dan nog is de auteur behoorlijk somber over de haalbaarheid.

Hij is wel positief over het op grote schaal fabriceren van elektrische bussen en elektrisch aangedreven (lichter) vrachtvervoer, maar niet over het op grote schaal fabriceren van elektrische auto’s voor privé gebruik:

“The conclusion should be that switching to long-range EVs with large batteries and advanced electronics bears significant environmental challenges. The high manufacturing emissions of these types of EVs make their ecological benefits questionable for private vehicles which are only used on average 4% of the time. However, they are a very good option for vehicles which are used a higher percentage of the time such as taxis, buses and heavy trucks, because they will be driven many miles to counterbalance their high manufacturing emissions”.

De auteur staat vooral positief tegenover het flink inperken van het autogebruik, bijvoorbeeld door het herinrichten van steden en beleid welke ervoor zorgt dat mensen minder afhankelijk gemaakt worden van het bezit van een (elektrische) auto. Hij denkt daarbij vooral aan ‘wandelvriendelijke’ steden, miljoenen fietsen en elektrische bussen (wat niet alleen beter is voor de menselijke gezondheid, maar ook voor het milieu):

“However, another important step is redesigning cities and changing policies so that people aren’t induced to drive so many private vehicles. Instead of millions of private vehicles on the road, we should be aiming for walkable cities and millions of bikes and electric buses, which are far better not only for human health, but also for the environment”.

De intentie is om in een vervolgartikel (o.a. aan de hand van het hierboven aangehaalde artikel) op deze blog uitgebreid stilstaan te gaan staan bij potentiële bottlenecks (gezien vanuit de gehele keten, van mijnbouw tot productie en benodigde infrastructuur) bij het in de toekomst op grote schaal produceren van elektrische auto’s.

Tot slot nog een ietwat versimpeld verhaal over ons financieel economisch stelsel
Maar ja, we hebben ons afhankelijk gemaakt van een financieel economisch monster waar geld de hoogste prioriteit heeft. Van kinds af aan is ons aangeleerd om (gechargeerd gesteld) de wereld niet als een familie te zien, maar wel als een competitief slagveld waarbij winstmaximalisatie centraal staat, ook al gaat dat ten koste van de toekomstige wereld. Het verdeel en heers principe is het gangbare principe.
Dat van kinds af aan ons is aangeleerd de natuur te zien als een verzameling van losstaande dingen waar te pas en te onpas gebruik van gemaakt kan worden om de economie te laten groeien. Het (economisch) groeimodel staat centraal. Bezit, luxe en sociale status. Bijvoorbeeld een vrouw/man die gaat voor de ‘gewilde’ rijke of leuk uitziende man/vrouw, de rijke man die wil imponeren met luxe. Allemaal leuk in een oneindige wereld, maar naar mijn idee leven we niet in een oneindige wereld.

Het zogenaamd ‘financieel de broek op kunnen houden‘ wordt door heel veel mensen als zeer nastrevenswaardig ervaren ook al gebeurd dat op een energie en grondstoffen verspillende wijze en vaak ook met het leveren (fabriceren) van niet levensnoodzakelijke diensten en producten.
Het gaat puur om het geld met naar mijn bescheiden mening een totale blindheid voor het uiteindelijk zeer schadelijke effect op het grotere geheel.
Ook met flink wat minder luxe, grondstoffen en energieverbruik kan naar mijn idee een heel goed leven in vrijheid geleden worden, maar onze gecreëerde afhankelijkheid van ons o.a. van groei afhankelijk financieel economisch monster maakt laatstgenoemde vrijwel onmogelijk. Er wordt m.i. vrijwel volledige ingezet op technologie (en dus niet op minder consumeren, wezenlijk ander beleid met wezenlijk andere prioriteiten), alsof er geen andere (tussen)wegen zijn. De propaganda machine dat er geen alternatief mogelijk is (dat het niet anders kan) draait op volle toeren. Dat in belang van vooral de meest rijken en machtigen der aarde.
Het materialisme is flink ‘doorgeslagen’, met name om geld als een haast absoluut gegeven te beschouwen. Geld waarmee op illusionaire wijze waarde aan allerlei zaken toegekend wordt en vooral geen waarde toegekend wordt aan zaken die belangrijk zijn voor het welzijn van het ‘groter geheel’. Denk bijvoorbeeld aan het milieu, energie, grondstoffen, meer in balans raken met het ‘natuurlijk evenwicht’ van de aarde.

Geplaatst in Uncategorized | 6 reacties